Regiobijeenkomst Sfeer en Samenwerking

Vanmiddag organiseerde het Centre for People and Buildings de eerste van drie lustrum bijeenkomsten. Het thema van vanmiddag was Sfeer en Samenwerking. Om half 3 werden we ontvangen in het gebouw van Steelcase in Amsterdam.

The company designs and manufactures architecture, furniture and technology products, with deep and long-term commitment to cradle to cradle and sustainable development.

We are dedicated to helping

  1. people work more effectively
  2. organisations use space more efficiently
Ik kende het bedrijf niet maar was gelijk onder de indruk van de inrichting en de slogan LOVE HOW YOU WORK die op de balie en de postvakjes geplaatst is.
Ook de grote posters met quotes doen het goed. Zoals deze of deze:

 

you can’t create fresh thinking in an ordinary office
you need an inspiration office

Na de koffie was het tijd voor twee korte presentaties. Wim Pullen (CfPB) opende de middag. Annemieke Garskamp en Nick Willemse vertelde iets over Steelcase (bij Steelcase Amsterdam noemen ze de showroom work life en de medewerkers werken hier ook echt) en over de trends die zij waarnemen als het gaat om samenwerken. Volgens hen wordt samenwerken belangrijk en dat heeft alles te maken met de ontwikkelingen rondom het nieuwe werken. Maar het nieuwe werken is niet nieuw, voorheen noemden we het alleen anders (flexwerken, innovatieve kantoorinrichting). 80% van al het werk dat we doen, doen we met iemand anders. We doen steeds minder werk alleen. Terwijl individueel werken overal en altijd kan als je beschikt over de juiste tools en een internetverbinding. Dus als je al naar kantoor komt doe je dat om samen te werken en te ontmoeten. Het werk dat wij 10 jaar geleden nog zelf deden is nu gedigitaliseerd of geoutsourced naar Azië. Het werk dat wij nu nog doen is niet te digitaliseren omdat je er creatief voor moet zijn. Momenteel werken we vaak samen op individuele werkplekken. De inrichting van de kantoren moet dus veel meer gericht zijn op het belang van het werkproces, en dat is samenwerken. En dus stappen steeds meer bedrijven over naar ontmoetingsplekken en samenwerkplekken in plaats van individuele werkplekken.

Na een korte pauze werd de zaal opnieuw ingericht zodat wij konden discussiëren met elkaar. De stellingen werden gegeven door Wim Pullen waarna eerst het panel (Annemieke Garskamp, Thijs Edelkoort (adviesbureau AT Osborne), Theo der Voordt (CfPB/TUDelft) en Nick Willemseruimte kreeg om te praten, maar al snel haakte de deelnemers in de zaal aan.

Stelling 1: in een sfeervolle omgeving werken mensen beter samen

Een aantal antwoorden:

  • de inrichting van de kantooromgeving is een teken van aandacht die je geeft aan mensen, iedereen is gevoelig voor aandacht
  • sfeer = design – is een gevaar omdat je voorbij gaat aan functionaliteit
  • vrijheid is belangrijker dan sfeer of de omgeving
  • je moet diversiteit aanbrengen
  • sfeer gaat niet alleen om fysieke aspecten maar zeker net zo goed om psycho-sociale aspecten (sfeer van vertrouwen, vrijheid, samen, identiteit)
  • identiteit van een persoon of van een groep/team
  • contrast tussen de inrichting van je eigen huis en van het kantoor is erg groot

Stelling 2: in een activiteitgerelateerde werkomgeving zonder vaste werkplekken komen mensen tot betere resultaten

Een aantal antwoorden:

  • er  wordt te veel gestandaardiseerd
  • denk na over de inrichting, hoeveel laat je vrij – laat je de medewerker zelf inrichten of geef je beperkte keuze
  • in plaats van iets afpakken (je hebt geen eigen werkplek meer) krijg je meer keuze (je kan kiezen uit heel veel verschillende vrije werkplekken)
  • bestaat een verschil tussen individuele- en team productiviteit (het individu wil een stilteplek, het team een samenwerkplek)
  • iedereen probeert zijn leven zo optimaal mogelijk in te richten zodat het bij hen past en een kantoorinrichting is vaak een eenheidsworst
  • vraag aan de gebruiker wat zij wil – laat eigen meubilair uitkiezen – bring your own furniture
  • waar liggen de grenzen van chaos
  • waarom 1 concept voor iedereen – doe iets met de diversiteit

Stelling 3: het is een managementillusie dat je samenwerking kunt sturen

Dit was een lastige discussie, zo aan het einde van de middag, met de borrel in zicht. De discussie ging vooral om het begrip sturen.

Wim Pullen concludeerde de discussie mooi met de woorden:

We kunnen allemaal appeltaart bakken maar hij zal bij iedereen anders smaken

De volgende lustrumbijeenkomsten zijn in Zwolle (3 november – thema Creatief & Comfortabel) en Hoofddorp (7 december – thema Rust & Ruimte). Aanmelden voor deze gratis bijeenkomsten is nog mogelijk. Ik zal ook bij de andere twee bijeenkomsten zijn dus misschien kom ik je daar tegen.

Meer foto’s van deze bijeenkomst zijn in deze Flickr set te vinden.

Op werkbezoek in Kopenhagen

Morgen vertrek ik (nogal vroeg) naar Kopenhagen. Ik heb daar namelijk op maandag een vergadering om de laatste dingen te bespreken over het Liber Architecture Group seminar dat volgend jaar in april in Praag van 18-20 april zal plaatsvinden. Nu had ik het idee, als ik er dan toch ben, laat ik eens kijken of er nog bedrijven zijn die mij kunnen inspireren. Misschien dat als ik ze mail, ik wel langs mag komen. Ik mailde vier innovatieve bedrijven. En ik mag bij allemaal langskomen. Dus dinsdag bezoek ik deze vier bedrijven/organisaties.

WORKZ A/S

Waarom Workz?

Workz is a creative change agency that helps organisations start and implement change through storytelling and involvement. To us the key word is involvement, which creates ownership and commitment. Involvement is the driving force that brings on succesful change.
…..

Using games, process tools, film, digital media, and creative processes, we create a focused and engaging involvement of all necessary stakeholders. By doing so, we find the best ideas and the create the optimal foundation for change and anchoring of that change.

We believe in the creative potential of all people!

En vooral het woordje storytellingviel op. En verandering gebruik makend van games, andere tools en creativiteit. Hier ontmoet ik Michael Thomsen de creative director. Midden in een verhuizing en hij maakt tijd voor mij vrij. Bijzonder!

LIVING LAB

Waarom Living Lab?

Copenhagen Living Lab is a young Danish firm of knowledge creators and innovation organizers, operating in the field of user- or people driven innovation.
Copenhagen Living Lab promote the concept of living labs – a real-life source for insight into unmet customer needs, co-creation and a test bed for development, test and implementation of new products and services.

Ik wil wel eens een Living Lab zien. Is het hetzelfde als een FabLab, zoals wij dat in Nederland kennen. Hoe werkt dat, met die co-creatie en people driven innovation. Hier ontmoet ik directeur Hans Henrik Agger.

MIND LAB

Waarom Mind Lab?

MindLab is a cross-ministerial innovation unit which involves citizens and businesses in creating new solutions for society. We are also a physical space – a neutral zone for inspiring creativity, innovation and collaboration.

Mind Lab is een werkplaats waar medewerkers van de volgende ministeries gebruik van kunnen maken (Ministries of Economic and Business Affairs, Taxation and Employment). Dit perspectief vind ik heel bijzonder. Hier ontmoet ik Anette Væring (Projektleider / Designer).

INNOVATION LAB

Waarom Innovation Lab?

DUCI lab is a unique effort to understand the issues involved in user innovation processes, with particular emphasis on managing user driven innovation.
…..
We bring together academic researchers and leading edge Danish companies in projects to develop, test and assess new methods and tools for user-centered innovation.

Dit is de groep die wetenschap en bedrijfsleven bij elkaar brengt en zo aan user-centered innovatie doet. Innovation Lab bevindt zich op het terrein van de universiteit dus kan ik de campus ook gelijk even bekijken. Misschien dat ik ook de universiteitsbibliotheek bezoek. Hier ontmoet ik Lóa Stefánsdóttir (Anthropologist).

Na deze werkbezoeken heb ik een afspraak met Karen Margrethe Ørnstrup. Ik ontmoette haar vorig jaar tijdens het Liber Architecture Group seminar in Madrid en leerde haar nog beter kennen toen wij een paar dagen langer mochten blijven.

Na mijn werkbezoeken natuurlijk een verslag en foto’s.

 

Tekenen en kleuren op de iPad

Normaal gesproken maak ik aantekeningen op mijn iPad in Evernote en ik ben echt superfan. Ik heb eigenlijk gelijk een betaald account genomen. Ik bewaar echt alles met Evernote; foto’s, tekst, webclips, pdf’s, etc. Het fijne aan Evernote is dat alle notes gesynchroniseerd worden, dus mijn werkcomputer, de computer thuis, mijn mobiele telefoon en iPad zijn allemaal met elkaar geconnect. Ook kan ik notes naar anderen mailen (per mail of gelijk naar Evernote sturen als je iemands Evernote mailadres weet) of openbaar delen. Ik word dus erg blij van Evernote. Maar soms wil je tekenen, of gewoon een beetje creatief zijn met plaatjes en tekst. Ik heb daar twee apps voor gevonden voor de iPad.

Bamboo Paper

Bamboo Paper is van Wacom, iedereen wel bekend van de tekentablet en pennen. Deze app is gratis te downloaden in de appstore.

Als je op het blauwe vlak klikt opent zich de volgende pagina met uitleg over de app.


Het lijkt allemaal heel duidelijk en toch moest ik in het begin even wennen. Hoe hadden de mensen die dit voorbeeld hadden gemaakt zo netjes en klein geschreven. Na even denken (en het in de groep gegooid te hebben) kwam ik er achter dat het een kwestie is van het papier vergroten (dus met twee vingers zoomen). Dan gaan schrijven en tekenen en dan weer verkleinen. Het werken met een pen is fijn, het werkt voor mij beter dan met mijn vinger. Maar dit zal voor iedereen persoonlijk zijn. Ik heb de app nog niet zo onder de knie dat ik er op vertrouw tijdens vergaderingen, maar door veel te oefenen zal dat wel komen. Sommige dingen werken nu eenmaal beter visueel dus ik ga ervan uit dat ik deze app vaak zal gebruiken.
Je kan extra notitieblokken kopen – dit kost 1,59 euro per 20.
Een notitieblok kun je afdrukken of als pfd aan jezelf mailen. En natuurlijk kun je de notitieblokken een kleurtje geven en kiezen voor lege witte pagina’s, pagina’s met lijntjes of met een rooster.
Een pagina in een blok kun je ook los afdrukken, opslaan naar foto’s of aan jezelf of iemand anders mailen.

Clibe

Met Clibe maakte ik vanmiddag kennis. Deze (tijdelijk gratis te verkrijgen) app heeft iets wat Bamboo paper niet heeft en dat is de mogelijkheid om afbeeldingen in te voegen. Maar laat ik bij het begin beginnen. De startpagina ziet er als volgt uit.

Heel eenvoudig kun je een nieuw journal aanmaken en ervoor kiezen om deze publiek of prive te maken. Het lijkt op een Moleskine en dat zal veel mensen aanspreken.

Aan de linkerkant van de pagina vind je de knoppen, een knop lang ingedrukt houden geeft bijvoorbeeld de weergave van de pen, die je dan dikker of dunner kan zetten. Ook kun je de kleur kiezen (bij Bamboo paper zitten deze knoppen boven in het scherm). Clibe heeft iets meer kleuren (25) om uit te kiezen in vergelijking met Bamboo paper (6). Het aantal soorten pennen is in beide apps gelijk. Wat Bamboo paper niet heeft en Clibe wel is het toevoegen van een tekstvak. Waarbij je dan de kleur van de tekst, de grootte en de uitlijning kunt kiezen. Handig als je niet zo netjes schrijft met je vinger of een pen. Ook extra is het toevoegen van afbeeldingen (vanuit de bibliotheek, de camera of van Facebook).
Voor het papier (vreemd woord in deze context) kun je kiezen voor gekleurd of met een textuur.
Jouw notitieblok kun je prive houden, openbaar maken of geselecteerde mensen een invite sturen (knop huisje in wolken – tweede van boven). Als je een invite stuurt krijgen diegenen een email. Als je accepteert kun je het notitieblok alleen zien als je inlogt (en dus een account aanmaakt als je dat nog niet hebt).
Onder instellingen (derde knop van boven) kun je naam van het notitieblok aanpassen, een beschrijving erbij plaatsen of het blok verwijderen.
Grappig is dat als je het notitieblok opent het elastiekje er af gaat in een animatie.

Welke van de twee apps ik het meeste zal gebruiken zal de komende tijd uitwijzen. Een groot voordeel van Clibe is de toevoeging van foto’s en tekstvakken. Een nadeel is dat ik er niet meteen achter kwam hoe ik op de volgende pagina kom (opnieuw opstarten en op de tekst onderaan cover gedrukt – je krijgt dan de volgende pagina’s te zien), mijn toetsenbord niet weg wil gaan (ook hier helpt opnieuw opstarten), je de pagina niet kan zoomen en dat de app regelmatig crashed.  Bamboo paper is gewoon een cleane en duidelijke app. Tot zover maken ze evenveel kans om te blijven.

 

8e edubloggersdiner

Het duurt nog een paar weken maar je kunt je al aanmelden voor het 8e Edubloggersdiner. Traditiegetrouw op de maandagavond voor de Onderwijsdagen. Dit keer dus op maandagavond 7 november. In Utrecht (zoals altijd). Karin en ik zoeken nog naar een geschikte locatie (op de een of andere manier werken restauranteigenaren dit keer niet zo goed mee). Verschillende walking diner arrangementen heb ik in de mail langs zien komen. Walking diner  ja, want zittend eten vinden wij saai. Lekker rondwandelen, veel onderwijsmensen spreken, oude bekenden en nieuwe mensen ontmoeten, maar ook veel lol hebben.

wanneer: maandag 7 november
waar: nog niet duidelijk maar in ieder geval in Utrecht
aanmelden: hier
voor wie: iedereen die onderwijs een warm hart toedraagt, wel of geen edublogger is, wel of niet de onderwijsdagen bezoekt, eigenlijk is iedereen gewoon welkom!

Volg @edubloggerdiner voor de laatste updates (weet iemand nog een goede hastag? – misschien moeten we eens en voor altijd de naam goed afspreken – ik heb al langs zien komen edublogdiner, edubloggerdiner, edubloggersdiner)

 

Work Smart Go Google

Gistermiddag was ik bij Mediaplaza in Utrecht voor het Work Smart Go Google event. In eerste instantie zou dit event in Tiel gehouden worden maar gelukkig voor mij werd het verplaatst naar Utrecht. De locatie in Tiel was met het openbaar vervoer zo goed als niet bereikbaar dus had ik niet kunnen gaan. Maar nu dus wel.

De middag werd geopend door Didier Goibert (emea mid-market sales director – Google Enterprise). Deze fransman sprak Engels en was daardoor soms lastig te volgen.Een aantal dingen heb ik toch kunnen opschrijven.

Trends impacting your business:

  • speed – bijvoorbeeld het ontwerpen van een auto gaat nu in maanden ipv jaren
  • mobile working – einde van 2010 meer mobieltjes en tablets verkocht dan laptops
  • innovation defines the leaders

Vervolgens vertelde hij over het Google model – 100% web. Het is een nieuw IT-model waarbij je betaald voor wat je gebruikt. Toegang tot de diensten heb je via elk device. Upgraden, onderhoud en back-ups ben je niet zelf verantwoordelijk voor, het wordt voor je gedaan.

the browser has become the universal desktop

Het platform waarop Google dit aanbiedt bestaat uit drie componenten:

  • Google apps for business – collaborate en communicate (gmail, Google calendar, Google docs, Google sites, Google video, Google groups, Google cloudconnect, Google postini security)
  • app-engine – run your webapps on Google infrastructure
  • marketplace – the IT supply chain is changing

Na deze keynote konden we kiezen voor twee sessies. Ik ging naar de sessie met de titel de €300 werkplek.

David Saris (g-company) legde uit hoe je de €300 werkplek realiseert. En eigenlijk is het heel simpel. Je huurt een Chromebook (€ 25 per maand) en neemt een abonnement op Google apps for business (€40 per jaar). Dan kom je iets hoger uit dan €300 maar dat verschil is marginaal. Voor onderwijs gelden overigens andere prijzen, deze zijn lager vanwege de onderwijskorting die Google geeft (€19 per maand voor een Chromebook).

Positief effect van het gebruik van de Chromebook is dat hij naarmate je hem langer gebruikt sneller wordt. Daarnaast staan alle gegevens in de cloud dus als je de laptop kwijt raakt is er weinig aan de hand. Ook is het handig dat de configuratie met je meereist omdat deze niet lokaal is opgeslagen en niet afhankelijk is van het device.

Paulo Rodriguez (engineer bij Google Spanje) demonstreerde de Chromebook. Ook liet hij de nieuwe vormgeving van Gmail zien. Het kunnen prioriteren van email (wordt voor je gedaan) werkt fijn en maakt de gebruiker efficiënter in de omgang met mail.

De middag werd afgesloten met een presentatie van André van der Riet (CIO – PON). Hij vertelde waarom PON was overgestapt op Google. Welke problemen en uitdagingen zij zijn tegengekomen en welke oplossingen er zijn bedacht.

Hierna was het mogelijk om in gesprek te gaan met de vijf partners van Google in Nederland. Deze vijf partners hebben het event georganiseerd. Eddy Veldhuizen (Google) legt in onderstaand filmpje uit waarom dat zo bijzonder is.

Omdat ik deze middag met een originele tweet een Chromebook kon winnen heb ik op twitter heel erg mijn best gedaan om op te vallen. De Chromebook heb ik niet gewonnen. Maar wel nieuwe mensen ontmoet, met bekenden bijgepraat en mij ondergedompeld in de wereld die Google heet.

Apple Seminar Leren met mobiele devices: The New Classroom

Afgelopen maandag was ik met collega Willem bij het Apple Seminar Leren met mobiele devices: The New Classroom in Amsterdam. Bill Rankin had ik vorig jaar ook al horen spreken maar deze man is zo inspirerend dat een tweede keer luisteren zeker niet als vervelend kan worden bestempeld. We mochten geen foto’s maken dus ik heb dit keer geen begeleidend beeldmateriaal.

Bill Rankin: the New classroom – how Information Technology is transforming Educational space

Volgens Rankin wacht momenteel iedereen op iedereen als het gaat om het radicaal wijzigen van het onderwijs met behulp van mobiele technologie. Hij ziet het als baanwielrenners die ook op elkaar wachten, totdat iemand los gaat en probeert te winnen. Als diegene in het onderwijs los gaat zal er, volgens Rankin, veel veranderen. Hij geeft een paar cijfers; 80% van de 0-5 jarigen gebruikt eens per week internet, 70% van deze leeftijdsgroep gebruikt dagelijks een mobiele telefoon (maar misschien heb ik dit verkeerd opgeschreven want het lijkt een beetje veel voor kinderen). Met dit in ons achterhoofd vraagt Rankin zich af hoe een nieuw klaslokaal er uit moet zien. Hij neemt de ruimte waarin wij zitten als voorbeeld. Netjes in rijen, hij staat voor ons en levert informatie. Na een paar uur zitten deze stoelen echt niet lekker meer. Er is weinig licht. Stoelen verplaatsen is niet mogelijk. Het leren is in deze ruimte passief.

Rankin heeft vijf onderdelen waarop hij een ruimte beoordeeld.

  • structuur (hoe is de ruimte opgebouwd, licht, ramen, etc.)
  • oriëntatie (hoe zit iedereen, waar staat de docent)
  • flexibel (kun je dingen verplaatsen)
  • gereedschap (wat voor soort gereedschap is er, staan er pc’s, kun je het licht dimmen, temperatuur verlagen, etc.)
  • infrastructuur

Rankin laat ons vervolgens nadenken over – wat hij noemt – de power differences. Aan de ene kant van de zaal zitten de nooduitgangen, dat is een verschil. Rankin heeft een microfoon, ook een verschil met de rest van de aanwezigen. Zijn deze verschillen erg? Hebben wij Rankin nodig om informatie te vinden over een bepaald onderwerp. In dit geval, het voorbeeld, Sugata Mitra. De conclusie, wij hebben Rankin niet nodig. Sugata Mitra zegt dat je voor onderwijs toegang en community nodig hebt. In de zaal waar wij nu zitten doen we niet aan community vorming, we zitten naast elkaar, neuzen dezelfde kant op. Maar tijdens de koffie en de lunch hebben we wel mogelijkheden, dan kunnen we met elkaar kennis maken, bijpraten en discussiëren. Rankin trekt de lijn door naar het onderwijs. In de manier  waarop wij onderwijsruimten inrichten houden wij geen rekening met communityvorming.

Vervolgens maakt Rankin de stap naar mobiele devices. Is het – als je gebruikt maakt van deze technologie – belangrijk waar je je bevindt. Rankin ziet de mobiele device als een productiestudio. Wij gaan van een consumptie- naar een creatiemodel. Wij creëren content en delen dit met anderen in een community. Het informatiemodel is gewijzigd en daarmee ook de inrichting van de ruimte.

Rankin ziet het als volgt

more access yields more participation -> more participations yields more custodianship -> more custodianship yields more diversity – more diversity yields more access.

We kregen een nieuwe opdracht van Rankin, namelijk het antwoord vinden op de vraag hoe je vuvuzela geluid uit een bestaande opname van een voetbalwedstrijd kan filteren. Hoe deden we dit, we discussieerden met de persoon naast ons, misschien zelfs met die daarnaast. Draaiden we ons om? Nee. Verplaatsten we onze stoelen? Nee. Toch weten we dat het niet optimaal is om naast elkaar te zitten als je zo’n opdracht krijgt. De mensen met een laptop of tablet waren in het voordeel. Zij zochten het antwoord gewoon op.

In onze generatie en de generaties boven ons is het belangrijk om het antwoord te vinden. De generaties onder ons vinden gebruiken belangrijker dan vinden. Jongeren gebruiken het materiaal en gaan van daaruit verder. Vreemd is het dus wel dat we klaslokalen ontwerpen die gericht zijn op vinden, terwijl de jongere generaties vragen om omgevingen waarin zij kunnen gebruiken. Rankin gaat nog een stap verder. Vroeger ging informatie naar 1 punt – de docent – hier werd de omgeving voor gebouwd. Nu – denk aan het internet – hebben wij toegang tot een informatie matrix. Maar onze klaslokalen zijn nog steeds hetzelfde ingericht. Er zijn veel voorste rijen, veel schermen, veel groepsplekken en er is flexibel meubilair. Maar de wereld is ons klaslokaal geworden.

In the digital age Information is a commodity -> informational delivery -> the architecture of creation and participation

En nu is het wachten op de eerste wielrenner die het lef heeft om harder te gaan rijden.

(Bron afbeelding Bill Rankin)

Martijn Luijks – Thieme Meulenhoff

Na Bill Rankin kwam Martijn Luijks van Thieme Meulenhoff aan het woord. Het is best erg maar wat mij het meest is bijgebleven is dat hij continu zijn laptop en iPad wisselde (met de wisseling van kabel naar de beamer). Niet dat wat hij liet zien op de iPad ook niet als een slide in powerpoint getoond kon worden. En dat leidde dus af, maar ik heb wel wat aantekeningen gemaakt.

Bron afbeelding: schooltas.q42.com

Luijks sprak over SCHOOLTAS, een (gratis) iPad app van de uitgever. Sinds de komst van de iPad vragen docenten en directies aan de uitgever om na te denken over een app. Werkt dat een boek op de ipad? Werkt een ipad in de klas? Om deze vragen te kunnen beantwoorden onderzocht Thieme Meulenhoff de mogelijkheden en ontstond SCHOOLTAS 1.0, die vanaf januari 2010 in de appstore beschikbaar was. Met deze app kun je de schoolboeken lezen en gebruiken. Dit grijpt minimaal in op het onderwijsproces. Iedere leerling heeft een eigen device waardoor er een nieuw speelveld voor leren ontstaat, met als veilig vangnet het boek.

Op 6 domeinen wil Thieme Meulenhoff nog ontwikkelen:

  • samenwerken
  • social networks (delen met het netwerk)
  • interactie (werken met werkboeken en audiofragmenten)
  • intelligentie
  • augmented reality
  • gamification.

Kees Versteeg – Hondsrug College

Kees Versteeg (rector Hondsrug College) vertelde een mooi verhaal over de digitiek van de toekomst – leren op maat via de iPad. Het project heet Leren op Maat waarbij iedere leerling op deze school een iPad krijgt. Niet omdat het een leuk device is maar omdat de school het onderwijs wil veranderen. Hier wordt onderwijs iets dat persoonlijker is, met persoonlijke content en organisatie op maat. De rol van de docent verandert hiermee ook. Hij wordt iemand die de leerling helpt iets te vinden. En dat spreekt eigenlijk het verhaal van Rankin tegen waarin het vinden niet het belangrijkste is, maar het gebruiken. Deze nieuwe vorm van onderwijs wordt niet alleen toegepast op de iPad maar ook op andere mobiele devices. Versteeg gaf mooie voorbeelden van het gebruik van een roosterapp (inclusief jaarrooster) en het volgen van studievoortgang en behoefte van een student.

Eric Slaats – Fontys

De laatste spreker van de middag was Eric Slaats van Fontys. Hij sprak over mobiele interactieve non-lineaire presentaties. Vorig jaar deed Fontys een breed experiment met smart mobile Learning (looptijd sept 2010 – april 2011, 160 ipads, 120 studenten, 35 docenten, 10 instituten, 3 diensten). Slaats, zelf ook docent, heeft veel content die je vaker wilt hergebruiken.Hij maakte een ipad app waarbij het eenvoudig is om tijdens een presentatie te kiezen voor de slides die je wilt gebruiken. Aan het einde van de les krijgen de studenten een pdf van de slides die zijn gebruikt.Tijdens de les kunnen studenten anoniem vragen stellen en links doorgeven (die de docent met een preview kan zien). De docent heeft op zijn scherm de slides (links onder elkaar), de actieve slide groot in het midden, een timer en kan hij notes toevoegen. Er is samengewerkt met …. (heb zijn naam niet meegekregen) om video’s van de colleges te maken. Recording box heet deze app. KI zorgt ervoor dat de video doorzoekbaar is.

De app heet iPresent en zal binnenkort aanwezig zijn in de app store (gratis – zowel voor ipad als android tablets). Meer achtergrond over iFontys waar iPresent onderdeel van is vind je hier.

Misschien komt het niet over in deze post maar de app is werkelijk waanzinnig. Erg jammer dus dat we niet mochten fotograferen en dat Apple het zo lastig maakt om een app te laten testen. Binnenkort wellicht meer (als de app te downloaden is en ik hem heb kunnen testen).

Frank Thuss was ook aanwezig (las ik op twitter en hij zat bijna naast mij) en zijn verslag van de dag lees je hier.

The Shift : the future of work is already here / Lynda Gratton

De laatste blogposts over boeken waren soms lange samenvattingen. Vandaar dat ik het nu anders ga doen. In 3-en (A voor de snelle beslissers, B voor de mensen die iets meer informatie en achtergrond willen en C voor de die hards, degenen die willen weten wat ik uit het boek heb gehaald). Voor ieder wat wils zeg maar.

A.

The Shift : the future of work is already here van Lynda Gratton is een boek dat je zeker moet lezen als je bezig bent met het nieuwe werken, met de toekomst van werk of met jouw eigen toekomst (in relatie tot het werk dat je doet). Je kan het boek kopen bij Amazon of Bol.

B.

Met The Shift : the future of work is already here geeft Lynda Gratton inzicht in hoe het werk er in 2025 uit zal zien. Zij doet dit door de beschrijving van 6 persona’s die wel of niet de keuzes hebben gemaakt die nodig zijn. Ook geeft zij 32 trends (geclusterd binnen 5 forces of krachten). Als je geen keuzes maakt kom je terecht in de default future. Maak je wel keuzes dan is de crafted future een feit. Het ligt aan jou in welke toekomst je terecht komt. Gratton geeft inzicht en richtingen, geen oplossingen. Die moet je zelf bedenken, daarin moet je doen wat bij je past.

Lynda Gratton (Professor of Management Practice – London Business School en grondlegger van de Hot Spots Movement) geeft met onderstaand filmpje een korte beschrijving van het boek.

Lynda’s new book, The Shift. from Hot Spots Movement on Vimeo.

Meer informatie over Lynda Gratton of over het boek vind je op haar website en weblog. Het The Shift Workbook (dat je helpt bij de keuzes) kun je hier gratis downloaden. En heb je dan nog niet genoeg van The Shift dan is er ook een app.

C.

Work is, and always has been, one of the most defining aspects of our lives. It is where we meet our friends, excite ourselves and feel at our most creative and innovative. It can also be where we can feel our most frustrated, exasperated and taken for granted. Work matters – to us as individuals, to our family and friends and also to the communities and societies in which we live.

Waar we momenteel getuige van zijn is een breekpunt met het verleden als het gaat om werken, wat voor werk we doen, waar we werken, hoe we werken en wanneer we werken. De veranderingen zullen net zo’n impact hebben als tijdens de industriële revolutie, maar de uitkomst is onbekend. De impact zal wereldwijd zijn, de snelheid van de verandering onvoorstelbaar en er zal vrijwel zeker gebroken worden met het verleden.

It is clear that our world is at the apex of an enourmously creative and innovative shift that will result in profound changes to the every-day lives of people across the world.

Gratton wil met dit boek de lezer ondersteunen in zijn zoektocht naar zijn eigen gezichtspunt over de toekomst en in de creatie van zijn pad naar een toekomstbestendig werkleven. Hiervoor heeft zij, samen met een research consortium nagedacht of de krachten (forces) waar wij mee te maken krijgen in de toekomst. Ook heeft zij met hen scenario’s beschreven over werk in 2025.

PART 1 – THE FORCES THAT WILL SHAPE YOUR FUTURE

In het eerste hoofdstuk beschrijft Gratton de shifts en de bijbehorende trends die zij ziet. De shifts zijn onderverdeeld in 5 onderwerpen; technologie, globalisering, demografie en levensverwachting, samenleving en energie.

1. the force of technology

  • technological capability increases exponentially
  • five billion become connected (create the possibility of global conciousness)
  • the cloud becomes ubiquitous
  • continuous productivity gains
  • social participation increases
  • the world’s knowledge becomes digitalised
  • mega-companies and micro-entrepeneurs emerge
  • ever-present avatars and virtual worlds
  • the rise of cognitive assistants
  • technology replaces jobs

2. the force of globalisation

  •  24/7 and the global world
  • the emerging economies
  • China and India’s decades of growth
  • frugal innovation
  • the global educational powerhouse
  • the world becomes urban
  • continued bubbles and crashes
  • the regional underclass emerge

 3. the force of demography and longevity

  • the ascendance of Gen Y
  • increasing longevity
  • some Baby Boomers grow old poor
  • global migration increases

 4. the force of society

  • families become rearranged
  • the rise of reflexivity
  • the role of powerfull women
  • the balanced man
  • growing distrust of institutions
  • the decline of happiness
  • passive leisure increases

 5. the force of energy resources

  •  energy prices increase
  • environmental catastrophes displace people
  • a culture of sustainability begins to emerge

Nadat Gratton de vijf krachten en 32 elementen daaronder heeft gegeven, geeft zij een opdracht. Denk na over al deze dingen, maak ze je eigen en gebruik ze in jouw verhaal. Filter en selecteer. Sommige elementen doen je iets, anderen niet, sommige probeer je te begrijpen en van weer anderen wordt je instant gelukkig. Dan, als je de elementen hebt gesorteerd, zoek dan naar patronen. Gebruik deze patronen om een diepgaander besef te creëren die past bij jouw context en waarden. Gratton geeft, als hulpmiddel, 5 acties (weglaten of negeren, verdiep, ontdek en verzamel, sorteer, neem afstand van het geheel en zoek naar patronen) mee om de opdracht te kunnen vervullen.

PART II THE DARK SIDE OF THE DEFAULT FUTURE

It is the subtle and unique combination of the many aspects of the five forces that will create the context in which your future working life is lived.

Omdat er vele combinaties mogelijk zijn heeft Gratton met het research consortium persona’s ontwikkeld van werkende mensen in 2025. Het beschrijven van het leven van deze persona’s geeft inzicht en begrip over de toekomst. We zien de paradoxen waar zij mee moeten leven, de keuzes die zij moeten maken en de problemen waar zij tegenaan lopen.

In de volgende hoofstukken maken wij kennis met Jill, Rohan &Amon, Brianna en Andre.

Fragmentation: a three-minute world / Jill’s story

Het verhaal van Jill begint ’s morgens vroeg, haar avatar representeert haar in online meetings. Vandaar naar de hub, om mensen te ontmoeten, berichten te verwerken en contact te maken met mensen over de hele wereld. ’s Avonds thuis is het niet veel beter. Jill’s leven is gefragmenteerd, activiteiten duren niet langer dan 3 minuten, het is 24/7, internationaal. En technologie helpt haar om dit leven in stand te houden. Gratton vraagt de lezer of hij een zich een wereld herinnerd die niet gefragmenteerd was. Is het niet zo dat wij geleidelijk aan wennen aan deze manier van leven zodat wij deze accepteren zonder te morren. Gratton gaat terug naar 1990, toen mobiele telefoons nog niet voor iedereen beschikbaar waren en internet alleen toegankelijk was voor the happy few. Zij beschrijft haar werkdag van toen. Wat een verschil met nu! In de tien jaar die volgen zorgen technologie en globalisering voor fragmentatie.
Maar is het erg, die fragmentatie. Gratton vindt van wel. Zij geloofd dat fragmentatie zorgt voor een afname van concentratie, een vermindering van echt observeren en leren van anderen. Ook is er weinig tijd om te spelen en om je dingen echt eigen te maken. En laten we het dan ook maar niet hebben over wat dit met creativiteit doet.

It matters that work becomes even more fragmented. It matters because with this fragmentation comes the incapacity to create the focus, concentration and creativity that will be so important to the shift from shallow generalist to serial mastery.

Hoe voorkomen we dat we worden geleefd door de fragmentatie. Gratton geeft drie mogelijke oplossingsrichtingen. De eerste is zorgen voor een carriere die is gebaseerd op toewijding en focus waarbij vakmanschap of meesterschap het einddoel is. Je moet tijd vrij willen maken om te leren en te doen. De tweede is realiseren dat  isolatie niet tegenover fragmentatie staat. De uitdaging zit in het blijvend werken aan je netwerk en jezelf verbinden met anderen. De derde gaat om de manier waarop jij naar je werk kijkt, durf je keuzes te maken en kun je leven met de consequenties van die keuzes.

Isolation: the Genesis of loneliness / Rohan’s  & Amon’s story

Uit de verhalen van Rohan en Amon leren we dat ze allebei succesvol zijn, zij genieten van hun werk (de een is hersenchirurg en de andere neo-nomad) en dat zij een groot internationaal netwerk hebben. En toch mist er iets. Dat iets is dat zij het werk vanuit huis kunnen doen en als gevolg daarvan weinig F2F contact hebben. Zij ontmoeten hun opdrachtgevers en collega’s alleen virtueel. Het even naar binnen lopen bij een collega, een toevallige ontmoeting in de gang of spontaan samen een borrel drinken op vrijdagmiddag kennen zij niet. Gratton ziet deze isolatie en eenzaamheid als een van de donkere kanten van de toekomst van werk. Uiteraard kan een deel hiervan gecompenseerd worden met de thuissituatie. De vrienden en familie die hierin een belangrijke rol spelen. Maar ook dit veranderd. Families worden kleiner, gezinsleden mobieler. Misschien woon je niet langer bij elkaar in de buurt en kun je (door stijgende energieprijzen of gebrek aan grondstoffen) niet langer bij elkaar op visite. En hoe staat het met vertrouwen in de wereldwijde samenleving waarin Rohan en Amon leven? Zijn mensen in deze maatschappij nog wel gelukkig?

One of the key drivers of isolation has been the explosive growth of cities and urban areas across the whole globe.

Zijn er dingen te doen of beslissingen te nemen die deze isolatie tegen gaan. Gratton meent van wel en ze deelt deze in drie netwerken in.

  • a posse of people to whom you can turn and with whom you have created long-term reciprocal relationships
  • the big idea crowd, which is a diverse and large group of networks, many of whom are virtual, from which great connections can be made
  • a regenerative community, who are real people with whom you can meet frequently, laugh, share a meal and relax

Exclusion: the new poor / Briana’s & Andre’s story

Brianna is 28 jaar oud en woont bij haar ouders in de Verenigde Staten. Ze gamed graag, heeft een tijdelijk baantje in een snackbar en stopte met school toen zij 16 was. Toekomstperspectieven heeft zij niet echt, zeker niet als je moet concurreren met jongeren van over de hele wereld als je op zoek bent naar een baan die bij je past.

Andre woont in Belgie. Werkte in een fabriek tot die werd verkocht aan de Chinezen. Andre kon niet goed meekomen op school. Vrienden van toen zijn veelal verhuisd naar landen waar het economisch beter gaat.

Briana and Andre may be living in developed countries, but they are members of a global economic underclass who are excluded from joining the rapidly globalising talent pool.

In de hele geschiedenis zijn mensen uitgesloten van werk. Maar de redenen waarom veranderen. Ging het er eerst om waar je werd geboren, in 2025 heeft talent, motivatie en je netwerk meer invloed. Maar ook, kun je omgaan met de kansen die technologie je biedt. Daarnaast zal het verschil tussen arm en rijk steeds groter worden. Niet alleen binnen landen maar ook binnen bedrijven.

If we assume that these gaps within companies and countries increase, then we can predict with some accuracy that this will lead to increased social anxiety. It will also impact on trust. When trust waned so does cooperation and the capacity to share and be optimistic about others.

Hoe vraag je aandacht voor jezelf en hoe val je op als je wordt beoordeeld op uiterlijkheden? In het ergste geval (negatief) krijg je narcistische trekjes. Je wilt van iedereen weten wat ze van je vinden en dus plaats je op zoveel mogelijk plekken informatie over wat je doet, met wie, wanneer en hoe.

De locatie waar je wordt geboren en opgroeit en je talent zijn niet de enige omstandigheden waar jou economische welvaart op drijft. Een ander belangrijk element is leeftijd. Misschien moet je wel blijven werken omdat het pensioen niet voldoende is om van te leven, of wil je blijven werken vanwege het contact met anderen. We worden gemiddeld ouder en de kans dat we langer door werken wordt alleen maar groter.

Jill’s leven is gefragmenteerd. Rohan en Amon zijn alleen en geisoleerd. En Briana en Andre behoren, zonder dat ze het willen, tot de nieuwe groep van armen. In hun wereld worden angst en narcisme gekoppeld aan technologie en globalisering.

Wordt je na het lezen, net als ik, lichtelijk depressief? Dat is niet erg. Gratton heeft met deze voorbeelden bewust de donkere kanten van de toekomst willen belichten. Zij noemt dit de Default Future.

PART III THE BRIGHT SIDE OF THE CRAFTED FUTURE

Natuurlijk hebben de 5 krachten naast negatieve uitkomsten ook positieve effecten. Door globalisering hebben wij de mogelijkheid om met meer mensen na te denken over de uitdagingen die voor ons liggen en biedt technologie ons de mogelijkheid om eenvoudiger met elkaar te communiceren. In de volgende hoofdstukken maken we kennis met Miguel, John & Susan en Xui Li, Bao Yu & Chenh-Gong. Door hun verhaal te lezen leren we over de positieve kanten van de toekomst als we keuzes durven te maken.

Co-creation: the multiplication of impact and energy / Miguel’s story

Miguel is creatief en denkt graag na over innovatieve oplossingen. Samen met mensen over de hele wereld denkt hij na over oplossingen voor problemen als verkeer en stadsvernieuwing.

What has changed over the decades is that instead of innovation being seen simply as the domain of particular groups, companies or governments, it has become a highly collaborative, cumulative and social activity, in which people with different skills, points of view and insights share and develop ideas around them.

In 2025 is dankzij technologie innovatie en creativiteit een massa-activiteit geworden waar miljoenen mensen aan mee kunnen doen. Maar mensen staan er ook open voor, ze willen samen een probleem oplossen of een nieuw idee uitwerken. Het gaat niet om winnen of verliezen, het gaat niet om alleen, het gaat om het beste samen.

De keuzes die Miguel heeft gemaakt kunnen wij ook maken. Het zijn kiezen voor vakmanschap en meesterschap (vaardigheden ontwikkelingen op de gebieden waar jij een passie voor hebt en die betekenis geven aan je werk), verbonden zijn met de wereld om je heen en willen samenwerken en een gepassioneerde producer worden.

Social engagement: the rise of empathy and balance / John & Susan’s story

John behoort tot de Generatie Y. Hij heeft een baan als verkoper en 6 maanden per jaar doet hij vrijwilligerswerk in de 3e wereld. Zijn familie ging de laatste keer met hem mee. Het verhaal van John illustreert het begrip global mindset. De negatieve kant van de hyper-connected wereld is fragmentatie en isolatie. De positieve kant daarentegen is de global mindset. We reizen meer, begrijpen elkaars culturen beter en hebben daardoor ook meer begrip voor mensen die anders zijn dan wij.

 This world view had created greater feelings of empathy, not just for their immediate family but also reaching further out to others who are different from the mand to whom they are strangers.

John heeft een duidelijke keuze gemaakt. Hij werkt voor een baas en doet daarnaast iets waar hij gepassioneerd over is.

Micro-entrepeneurship: crafting creative lives / Xui Li, Bao Yu & Chenh-Gong’s story

Xui Li had jaren een eigen bedrijfje en maakte avondjurken met geborduurde opdruk. Ze dacht altijd dat haar dochter, Bao Yu, haar op zou volgen, maar zij koos haar eigen pad. Sinds enkele jaren is Xui Li onderdeel van een netwerk van zelfstandigen die samenwerken. Haar dochter koos ervoor om tassen via internet te verkopen. Beide zijn zij kleine zelfstandige zakenvrouwen die van hun passie hun werk hebben gemaakt. Xui Li’s kleinzoon, Chenh-Gong is een gepassioneerd filmmaker. Alle drie gebruiken ze technologie om online zaken te doen. Daarnaast is Xui Li een voorbeeld van een werkende oudere. Dankzij de verhoogde levensverwachting kan zij, ondanks haar leeftijd, werken en zaken doen.

Gratton stelt de lezer weer een aantal vragen. Zoals, zie je jezelf werken voor een groot bedrijf of ben je zelfstandige entrepreneur? Als het antwoord het laatste is dan moet je nadenken over meesterschap, vakmanschap en een innovatieve connector. En hoe lang denk je productief te kunnen zijn? Denk je door te kunnen werken terwijl je de 70 al bent gepasseerd? Dan is het zaak om na te denken over jouw energie, kracht en een balans tussen werk en privé. En de laatste vraag, war verwacht je te leven? Je hebt de keuze om overal waar je wilt te wonen zolang je maar verbonden blijft met de wereldwijde marktplaats.

PART IV THE SHIFT

Our world is changing at an extraordinary pace, and what will go are many of the beliefs about what work is and how it is performed. In its place ar greater opportunities and choice. It is the opening of the aperture of choice that creates the space which will enable you to write a personal career script that can bring you fulfilment and meaning.

In de vorige hoofdstukken heeft Gratton laten zien hoe de default toekomst (negatief) en de crafted toekomst (positief) er uit kunnen zien. Hoe jouw toekomst er uit ziet heeft alles te maken met de keuzes die je maakt. Om die keuzes te kunnen maken moet je bepaalde aannames los kunnen laten en verandering toestaan op het gebied van kennis, vaardigheden, hoe je je werkt doet en gewoontes. Een manier om dit te doen is om deze veranderingen te zien binnen de context van drie kapitaalbronnen.

De eerste bron is intellectueel kapitaal (de kennis die je hebt en het vermogen om na te denken over problemen en uitdagingen). Intellectueel kapitaal speelt een sleutelrol in de carrière ontwikkeling omdat de kennisgebieden waarin je je begeeft ervan afhankelijk zijn. Gratton is van mening dat algemene kennis, die in het verleden belangrijk was, nu aan waarde zal verliezen omdat er altijd wel iemand te vinden is die hetzelfde weet, de informatie sneller kan leveren en ook nog goedkoper is. Het is dus zaak om te differentiëren. Je doet dit door veel tijd en energie te stoppen in het vergaren van nog meer kennis over een onderwerp en door vaardigheden te leren die weinig anderen bezitten. Dus door meesterschap en vakmanschap te ambiëren. Maar op een onderwerp focussen is niet zinvol. Dus kijk ook naar kennisgebieden die gerelateerd zijn of naar totaal andere kennisgebieden.

De tweede bron is sociaal kapitaal (het totaal van alle relaties die je hebt en de reikwijdte en diepte van jouw netwerk).

In a world where isolation is just around the corner, finding and keeping regenerative relationships will be key. But in a world where innovation and creativity are at premium, the diversity of networks will also play a crucial role.

Dus je stijgt boven de massa uit met je kennis en vaardigheden en toch ben je onderdeel van een collectief met anderen die veel kennis en vaardigheden hebben om samen waarde te creëren. En als je dat niet doet dan blijf je alleen, strijdend tegen duizenden anderen die hetzelfde kunnen als jij zonder de kansen en mogelijkheden die een collectief jouw biedt.

De derde bron is emotioneel kapitaal (begrijp je jezelf en begrijp je de keuzes die je maakt, maar ook de veerkracht om actie te nemen). Volgens Gratton is de verandering die bij dit kapitaal hoort het meest ingewikkeld omdat je met je vrienden en familie na moet denken over wat voor soort werkend leven je wilt.

What is required instead will be conscious, articulated and purposeful actions around the three shifts: to be prepared to expend the focus and determination to be a serial master; to use energy and goodwill to become an innovative connector with a rich network of diverse and interesting people; and finally, to redraft the traditional working deal that has money and consumption at the heart to something more in tune with your emotional needs for experiences and passion.

Om waardevol te zijn in de toekomst is het zinnig op zoek te gaan naar een competentie of vaardigheid die niet gemakkelijk door techniek of mens geimiteerd kan worden. Gratton beschrijft drie carrièremogelijkheden (rekening houdend met de 5 krachten) die de potentie hebben om waardevol te zijn: grassroots advocacy, social entrepreneurship, micro-entrepreneurship. De belangrijke gebieden waar dit in kan zijn life science, geneeskunde en energie. Met vooral veel creativiteit en innovatie.

Je kunt van alles voorspellen. En Gratton doet een poging. En toch, het hoeft niet uit te komen. Daarom is het belangrijk om werk te doen waar je van houdt, waar je passie ligt. Gratton meent dat dat de enige manier is om het vol te houden, zeker als we tot ons 70e door moeten werken. Werk waar je van houdt geeft, volgens Gratton, betekenis.

As innovation and creativity become the stamp of high-value work, so our working circumstances will have to provide an opportunity for childlike play and creativity to flourish…. For mastery to work, you have to be prepared to play. You will only really achieve the mastery you need if you are excited about what you are doing and love the stretch of achieving mastery, and when you feel challenged.

Gratton ziet de toekomst van werk als het doorbreken van barrières die nu werk en privé, maar ook werken en spelen van elkaar scheiden. Daarnaast beschrijft zij dat het meesterschap uit meer moet bestaan dan een enkelvoudig iets. Je moet in staat zijn om flexibel om te gaan met dit meesterschap. Misschien zijn er andere dingen die je ook goed kan of waar je beter in wilt worden. Durf te experimenteren, te spelen en te ontdekken. Maak ook gebruik van je netwerk, Gratton noemt dit the big ideas crowd. Dit netwerk kan je helpen door inzicht te geven in gebieden waar je nog niet zo bekend mee bent. Zij geven je ook ideeen en zien misschien kansen voor jou die jij nog niet zag. En als laatste, doe eens iets erbij (dus bij je (fulltime) baan), gewoon omdat het leuk is om nieuwe dingen te ontdekken, terwijl je nieuwe vaardigheden bijleert.

Gratton heeft het intellectuele kapitaal uitgebreid behandeld als zij doorgaat naar het sociale kapitaal.

One of the marvellous opportunities of the coming decades of work will be to build your social capital in a way that was never possible in the past.

Hoe wil je ook anders. Met 5 miljard mensen die met elkaar in verbinding staan en kunnen participeren zijn de mogelijkheden eindeloos. De uitdaging is om niet verloren te raken en te gefragmenteerd bezig te zijn, maar ook om niet geisoleerd te leven door te veel gebruik te maken van online werelden. Om zoveel mogelijk gebruik te maken van de hyper-connected wereld vraagt om een fundamentele verandering in ons denken over samenwerking, verbinding en innovatie. Echte innovatie, volgens Gratton, komt voort uit de verbinding die je maakt met anderen, met hun kennis, competenties en netwerk. En deze connecties worden dankzij technologie en globalisering, wereldwijd gemaakt. Ook dit netwerk ziet Gratton als onderdeel van the big ideas crowd. Net als overigens jouw posse, een groep van ongeveer 15 personen waar je altijd op kan rekenen en wie je vertrouwd. Deze groep kan in minuten bij elkaar geroepen worden, begrijpt elkaar en is waardevol. Deze groep kent je, vertrouwd je en wil je ondersteunen.

The whole point about a posse is that they can be assembled in a moment, and can ride with the samen speed and dexterity. Their similarity and shared capabilities are a great source of advantage to the posse since it is this that brings speed and depth.

Het enige probleem met een posse is, volgens Gratton, dat zij elk probleem op dezelfde manier oplossen. Zij kennen maar een richting en dat komt omdat ze op jou lijken en omdat jij ze vertrouwd niet van het bestaande pad af te wijken. Heb je dan een probleem dat groot en complex is en om innovatie vraagt dan is een posse niet de beste groep om dat probleem op te lossen. Dan heb je een grote, diverse community nodig; the big ideas crowd. De mensen in deze groep zitten in de uithoeken van jouw netwerk, het zijn vaak vrienden van vrienden. Zij zijn totaal verschillend van jou en toch willen zij de connectie met je maken. Deze groep is groot, misschien bestaat deze groep wel uit meer dan 100 mensen. En veelal zijn deze contacten virtueel.

Als tegenhanger ziet Gratton de regenerative community. Deze community bestaat niet in een virtuele maar in de echte wereld. En het zijn ook niet de mensen die op je lijken en dezelfde vaardigheden bezitten, zoals jouw posse. Dit zijn de mensen die je regelmatig ziet, met wie je lacht en huilt, samen eet, verhalen vertelt en met wie je ontspant. Deze groep mensen zijn van belang voor de kwaliteit van jouw leven en jouw emotionele stabiliteit.

De derde verandering is de verandering die zorgt voor een werkend leven dat betekenis heeft, passie, positieve en waardevolle ervaringen in plaats van een leven waar geld en consumptie de boventoon voert. Volgens Gratton is dit de lastigste verandering als het gaat om aannames, competenties en gewoonten en is hij nodig om een werkend leven te modelleren naar wat jij wilt en wat jij verdient. Blijft het, we werken om geld te verdienen. Of wordt het, we werken om waardevolle ervaringen op te doen (zoals vriendschap, ontwikkeling, tijd om iets anders te kunnen doen).

The mosaic of future working lives – and the carrilon curves that accompany it – requires a new deal between the individual and work that no longer puts pay at the centre, but rather places it in balance with many other sources of experiences.

PART V NOTES ON THE FUTURE

In het laatste hoofdstuk van het boek schrijft Gratton brieven aan de kinderen, de directeuren van grote (en kleine) bedrijven en aan de overheid. In deze brieven geeft zij tips en aanbevelingen. In het kort beschrijven zij de shifts en de maken keuzes die eerder in het boek uitvoerig zijn beschreven.

Tijdens het lezen van dit boek was ik vooral erg onder de indruk van de shifts en de bijbehorende keuzes. Toen ik las over de default future bekroop mij een zwart en donker gevoel. Zoiets als, hier wil je niet uitkomen. De crafted future fleurde me iets op en toch bleef ik denken over mijn eigen keuzes. Ben ik goed bezig, moet ik niet meer investeren in vriendschappen, doe ik het werk wat ik leuk vind of wil ik liever iets anders. Ben ik ook niet te veel gefocussed op hebbedingetjes die ik wil kopen maar die ik niet nodig heb. Word ik daar echt blij van of is dat een blijheid van een paar minuten. Het handboek dat bij dit boek hoort heb ik al gedownload en het lijkt me interessant om met een aantal collega’s dit in te vullen. Om samen na te denken en te discussiëren over onze toekomst.

En toen won ik dus een iPad2

Een paar weken geleden zag ik een tweet van oud collega Leon langskomen. Er was een prijsvraag georganiseerd door het bedrijf waar hij nu werkt. Dit bedrijf Yard zocht een nieuwe naam voor een community van professionals.

Ik hoefde niet lang te denken, soms komen dingen gewoon in je op, gelukkig heb ik daar wel vaker last van. De naam die ik opstuurde was Yard2Connect. Met het idee dat het altijd goed is als de bedrijfsnaam genoemd wordt in een productnaam en 2 (to) connect ook echt verbinden is. En dat doe je ook in een netwerk.

Een tijdje later kreeg ik een mail. Er waren meer dan 200 inzendingen. Kansloos zou je denken. Maar nee hoor, mijn inzending zat bij de laatste 3. Yard had besloten om op de beste naam te laten stemmen. En dan moet je je netwerk inzetten. Lastig in dit geval, want als je wilde stemmen moest je een account aanmaken en inloggen. Extra stappen om te laten weten dat je mijn naam het beste vond. Ik vond het vervelend om mensen lastig te vallen met de vraag om op mij te stemmen. Maar de prijs, een iPad2, was voldoende om mijn schroom opzij te zetten. Niet ongegeneerd, maar wel redelijk fanatiek heb ik mensen aangesproken via twitter, mail, persoonlijk en linkedin.

En het was superspannend. Continu lagen Yard2Connect en Yunits (een van de andere kanshebbers) aan kop. Stemmen kon tot vrijdag 26 augustus 12.00 uur. Op donderdagochtend (toen ik een dagje werkbezoeken had in Gent) lag ik ruim voor. Tot ik ‘s avonds keek en weer op de tweede plaats stond. Een laatste mailing ging de deur uit. En met succes.

Vrijdagmiddag 12 uur. Ik stond bovenaan. Eigenlijk kon ik het nog steeds niet geloven. Totdat ik maandag een mail kreeg. Of ik Yard wilde bellen. De afspraak werd gemaakt om de iPad op te halen in Utrecht.

Het werd een waar feestje. Taart en bloemen. Een iPad2 met hoes.

En zo won ik dus een iPad2. Met dank natuurlijk aan iedereen die de extra moeite nam om een account aan te maken om op mij te stemmen. Inmiddels zijn alle bekende apps geinstalleerd en geniet ik volop van mijn nieuwe speeltje.

Work in progress – (flex)werkplekken in Nederland

Je ziet de vraag regelmatig langskomen op twitter, maar soms krijg ik de vraag ook persoonlijk. Waar kan ik werken als ik niet naar kantoor wil komen en ook niet thuis wil zitten? Er zijn verschillende plekken in Nederland waar je kunt aanwaaien. Soms moet je reserveren, soms niet, soms moet je betalen, maar soms ook niet en soms moet je lid zijn, maar vaker niet.

Met alle mijn bekende adressen heb ik een Google Map gemaakt (Workspots Netherlands). Dit is een work in progress. Dus heb je aanvullingen, ideeen om de kaart beter te maken, of iets anders laat dan gerust een comment achter of stuur mij een email.


View Workspots Netherlands in a larger map

Op deze kaart vind je niet de lokaties waar je als ZZP-er kantoorruimte kan huren. Het gaat echt alleen om flexplekken waar je tijdelijk aan kan waaien.