Internet Skills: the state of the art in research and policy

Afgelopen vrijdag was ik bij het symposium Internet Skills: the state of the art in research and policy, georganiseerd door de IBR (Research Institute for Social Science and Technology) in het winterse Enschede. Het was spannend of collega Anke en ik het zouden halen, het weer was nogal onvoorspelbaar. Maar na een kleine 3 uur rijden kwamen wij net te laat aan bij de universiteit. Ze waren nog niet begonnen dus snel een kop koffie en naar binnen.

Jan van Dijk (Universiteit Twente) opende de dag met een korte introductie op het onderwerp.
Hij sprak over een tweede niveau van de digital divide. Niet langer is de fysieke toegang tot internet het probleem maar zijn de skills en het gebruik van nieuwe technologie die ervoor zorgen dat de scheiding steeds groter wordt.

Hij gaf het weer in een schema:
motivation -> physical and material access -> digital skills (strategic, information, formal, operational) – > usage (frequency, number and type of applications)

Vervolgens had van Dijk het over de termen en wat zij betekenen, praten wij over geletterdheid (literacy) of over vaardigheden (skills)?
De traditie van geletterdheid is ouder dan die van de vaardigheden:
– literacy tradition: focus on knowlegde and cognitive aspects: often normative and critical

met eronder media literacy en information literacy
skills tradition: focus on competencies (inter) action, interfaces – more empirical and practical

Van Dijk beschreef vervolgens de verschillende manieren van waarop vaardigheden en competenties gemeten worden voor wetenschappelijk onderzoek.

  • test/exams – guided type of measurement
  • self-assesments in questionaires – validity problems
  • performance tests in controlled conditions – general goals and norms: what every user should ben able to do – expensive and labour-intensive
  • proxy questions for surveys validated before (in tests) – difficult to find, especially concerning information and strategic skills

Het zoeken naar informatie is niet langer meer het belangrijkste maar communicatie en entertainment wel. Je hebt dus niet alleen communicatieve vaardigheden nodig maar ook vaardigheden om content creatie te kunnen doen. Dit omdat web 2.0 en social media hierom vragen. Daarnaast vragen games om entertainment vaardigheden.

De oplossingen hiervoor:

  • supply of technology that improves in accessibility and usability (hardware, software, applications)
  • education at all levels and of all kinds (improvement of regular education, to take account of information and strategic skills in general context – improvement of adult education, to take account of operational and formal skills and information or strategic skills required in special contexts)

De tweede sprekers van de dag was Eszter Hargittai, speciaal overgekomen uit Chicago voor de promotie van Alexander van Deursen over het onderwerp.
Hargittai deed onderzoek naar de internetvaardigheden van studenten. Voor haar onderzoek vroeg zij studenten van de University Illinois in Chicago. Zij vroeg specifiek niet haar eigen studenten omdat zij lesgeeft op een elitaire privéschool. De diversteit op de University Illinois is groter en dus interessanter voor het onderzoek. Haar onderzoek bestond uit het vragen naar begrippenkennis, bijvoorbeeld wat is een bcc? Waarbij opviel dat zelfs met meerkeuze antwoorden 35% niet wist wat bcc betekende. En ook begrippen die gerelateerd zijn aan web 2.0 zoals wat zijn rss-feeds?

the wired generation … but not in every way
in 2009 zit 4% van de studenten op twitter
in 2010 is dat 18%
30% gelooft dat er achter wikipedia officiele uitgevers en editors zitten

Haar onderzoek is superinteressant en de slides kwamen te snel voorbij om goed aantekeningen te kunnen maken. Haar publicaties zijn online te vinden. Haar presentatie van vrijdag nog niet.

Jos de Haan van de Erasmus Universiteit Rotterdam ging wat dieper in op Nederlands onderzoek. Hij doet al onderzoek naar internetvaardigheden sinds 1998. Toen had 60% een pc thuis waarvan 15% internettoegang had. In 2009 heeft 93% een pc thuis met internet (89% heeft een breedband internetverbinding)

Bij het onderzoek worden vragen gesteld als:

  • did you do this yourself or did you get help
  • did you do the following things
  • do you know how to do the following things
  • which method do you prefer
  • self assessment

Er werd bijvoorbeeld gevraagd of:
1. gevraagd voor installeren van pc (was in die tijd nog ingewikkeld) – naast de vraag of je zelf televisiestations hebt geinstalleerd
2. programmeren van vcr, telefoonnummers opslaan op mobiel, connect a fax
3. make maps, make nicknames, send attachment, decode (werd gevraagd aan mensen die emailden)
4.tijd vinden dat trein weggaat, zoeken naar telefoonnummer

In Digitalisering van de leefwereld (2000) en Van huis uit digitaal (2002)  vind je de resultaten van het onderzoek terug.

Volgens de Haan is het thuis een computer hebben hetgene wat het verschil maakt. Ouders hebben een kleine inbreng en school heeft volgens hem geen toegevoegde waarde. Oftewel het leren van internetvaardigheden doe je niet op school.

instrumental skills: teenagers more skillful, but mainly at the easy tasks
fathers are most the skilled at more difficult tasks

De Haan verwees aan het einde van zijn presentatie naar een interessante website: www.eukidsonline.net

Eugene Loos van de Universiteit van Amsterdam vertelde over zijn onderzoek, wat meer over gedrag gaat dan over vaardigheden. En dan met name het internetgedrag van ouderen. Hij stelde aan ouderen een eenvoudige zoekvraag die zij met behulp van internet op moesten lossen. Door middel van eye-tracking volgden zij het gedrag. Als na drie minuten het antwoord niet was gevonden werd het onderzoek gestopt. Naast de eye-tracking resultaten werd een heatmap gemaakt om weer te geven waar op de website de meeste actie plaatsvond.
Loos concludeerde dat ouderen die elke dag online zijn hetzelfde gedrag vertonen als jongeren.

Collega van Loos, Els Kuiper (eveneens van de Universiteit van Amsterdam) vertelde over de vaardigheden van studenten.

  • meeste kinderen leren internetvaardigheden buiten school
  • internetgebruik is dan ook vaak buiten school
  • internetgebruik op school en buiten school zit enorm gat tussen

Informatievaardigheden: what do childern know and don’t know (kinderen tussen 8-16 jaar)

  • google is favoriet
  • kinderen verschillen niet veel van ouderen in wat ze wel en niet weten
  • internet is hun thuis
  • internet is informatiebron
  • kinderen die niet kunnen lezen en schrijven gebruiken google om plaatjes te zoeken
  • google wordt steeds kindvriendelijker
  • meeste kinderen hebben geen geavanceerde vaardigheden
  • jonge kinderen hebben last van een taalbarrière, oudere kinderen zijn vaak slordig
  • lezen is een probleem
  • google wordt vertrouwd
  • evalueren van informatie van internet is moeilijk
  • kinderen weten dat een boek betrouwbaarder is dan en website, maar ze weten niet hoe ze het moeten beoordelen

Met als conclusie:

  • also synthesising the information found is difficult: the trap of looking for the right answer
  • paradox: using the web ask for an active attitude, but the vast amount of easy-to-access information leads to passive users
  • reading is basic: vocabulary and comprehensive reading skills
  • dilemma: the web is used as an educational tool but is not designed for childern nor for educational settings

Wat moeten kinderen weten als zij internet gebruiken en hoe worden zij succesvol in het gebruik daarvan? Waarom kinderen niet succesvol zijn komt vooral omdat zij niet zo flexibel zijn, vaak geen geduld hebben, zij op zoek zijn naar kant-en-klare antwoorden en dat zij Google vertrouwen.

effective internet is use = skills + reflective ability

Ook sprak Kuiper over de rol van het onderwijs.
The function of education in connection with information skills and reducing digital inequality:

  • qualifying function: schools must prepare students for society
  • qualification for a profession
  • general skills you need to participate in society
  • while offering equal opportunities for all students

Zij ziet twee doelen voor het onderwijs:

  • information skills are needed with a view to learning of school knowledge
  • information skills are needed in order to be able to use the internet for one’s own empowerment
  • the latter is related to citizenship education: ‘virtual citizenship’
  • how can the acquistition of critical and reflective internet use take shape for all groups of students?
  • how can it be prevented that certain groups of students can make less use of the opportunities of the digital information society?

Leo Besemer vertelde ons iets over het Europees computer rijbewijs. Nu vind ik dit niet zo’n interessant onderwerp dus heb ik ook geen aantekeningen gemaakt.

Marije Stam & Heleen Kist mochten de dag afsluiten. Zijn zijn van ECP-EPN / digivaardig-digibewust. Deze organisatie vindt digitale vaardigheden en het digibewust zijn randvoorwaarden in onze maatschappij en kenniseconomie. Cijfers zijn schokkend, 1,6 miljoen Nederlanders kan niet of nauwelijks met de computer of internet omgaan. Een klein deel van de bevolking benut het potentieel van internet (13% heeft hoog niveau van internet vaardigheden). Het ontwikkelen van digivaardige werknemers tot een basaal niveau kan Nederland 250 miljoen opleveren.

Doelen van ECP-EPN zijn:

  • afname digibeten
  • toename digitale vaardigheidsniveau van alle Nederlanders
  • bevorderen van het benutten van de mogelijkheden van ICT bij verschillende doelgroepen
  • meer verantwoord en veilig gebruik bij aandachtsgroepen door het informeren van zowel de mogelijkheden als de risico’s van de digitale wereld

Met een aantal voorbeelden zoals klik&tik en internet bootcamp lieten zij ons zien wat ECP-EPN onder andere doet.

Nu ben ik een aantal jaar geleden aanwezig geweest bij de startbijeenkomst van digivaardig-digibewust van ECP-EPN. Daarna was ik bij een startbijeenkomst van de werkgroep waar ik me voor had ingeschreven en daarna was het stil….. ik heb nooit meer een uitnodiging gehad voor de werkgroep of een bericht dat deze was opgeheven. Moet toch maar eens onderzoeken wat er mee is gebeurd en kijken of ik weer aan kan haken.

Deze dag was georganiseerd rondom de promotie van Alexander van Deursen. Zijn proefschrift staat online en kun je downloaden.

Het was een interessante dag, ook al vervielen de sprekers soms in herhaling. Blijkbaar komen zij tot dezelfde conclusies. Ook had ik het gevoel bij een select groepje te zijn aanbeland, een ons-kent-ons gevoel overviel mij soms. Dat is niet erg, de inhoud was interessant genoeg.

Om niet al te laat thuis te komen zijn mijn collega en ik niet gebleven voor de borrel. En we hebben er maar 3,5 uur over gedaan om weer in Rotterdam te komen. Viel dus eigenlijk best wel mee 🙂

Webby Awards

Op Young Marketing lees ik over de uitreiking van de 13e Webby Awards en dat Tate Kids de winnaar is in de categorie Youth. Nu ziet die site er ook erg goed uit, net als het oudere broertje of zusje, de site Young Tate.

tate_kids

En op beide sites wordt de doelgroep op een eigen manier aangesproken. Mooi gedaan en dus een terechte winnaar van een Webby Award.

tate_young

Omdat ik nieuwsgierig ben geworden naar de andere winnaars in de overige categorieën neem ik even een kijkje op de lijst. En ik kom daar onder andere deze tegen in de categorie Education (geen winnaar maar wel een genomineerde). De site is van The Times en leert je om te spellen.

spellingbee

Zoals je ziet leer je spellen door een game te spelen. Ik dacht eenvoudig te beginnen, de robot spreekt een woord uit en ik moet het in het vakje typen. Makkelijk is het niet, de woorden zijn soms best ingewikkeld en soms hoor ik het ook niet goed waardoor ik denk dat er een ander woord gezocht wordt. Maar als je wilt krijg je hulp en kun je het woord nog een keer laten uitspreken. Je kan ook tegen elkaar spelen of het multiple choice spel spelen waarbij je moet aangeven welk woord verkeerd geschreven is. Je kan het spel als gast spelen maar ook een profiel aanmaken en dit gebruiken als je vaker speelt of het tegen vriendjes opneemt. En als je een profiel hebt kun je meedoen aan wedstrijden en prijzen winnen.

Deze site moest het in deze categorie opnemen tegen Smarthistory en Edutopia en daar kon het niet van winnen.

smarthistory

De verschillen in doelgroep, thema’s en uitvoering is ook erg groot.

edutopia

En dus haalde genomineerde Visual Dictionary het ook niet in deze categorie.

visualdictionary

En dat terwijl dit toch een hele handige site is. Zeker voor een generatie die meer met beelden opgroeit dan met tekst. En als naslagwerk is de site ook erg goed te gebruiken.

Voor nog meer genomineerden en winnaars kijk eens op de lijst. Er zitten zeker nog meer interessante sites tussen die de moeite van het bekijken meer dan waard zijn.

Digivaardig & Digibewust: een werkgroep over veiligheid

Lang twijfelde ik of ik zou gaan, naar die eerste bijeenkomst van de werkgroep Ouders en kinderen veilig online. Ik had mij op 5 februari aangemeld voor deze werkgroep (en voor de werkgroep Digibeten: offliners worden onliners) toen ik bij de kick-off was van het programma Digivaardig & Digibewust. Ik twijfelde omdat ik niet goed wist wat ik moest verwachten en omdat ik het gevoel had mij bij de verkeerde groep te hebben aangemeld vanwege het woordje veilig in de titel van de werkgroep.

Ik besloot toch te gaan. Met het idee, als het niets is, meld ik mij weer af en is er verder geen man over boord. De bijeenkomst werd gehouden in het nieuwe gebouw van ECP.NL-EPN in Leidschendam. Marjolein Bonthuis van ECP/EPN opende de meeting door iedereen zichzelf even voor te laten stellen. Het was een bont gezelschap aan tafel. Zo zag ik iemand van TNO, UPC, een mediacoach, de VOB, MTV & Nickelodeon, Digital Playground, Netwerk 6 producties, Vereniging Openbaar Onderwijs, IBM, ministerie van Economische Zaken en van het Mediawijsheidexpertisecentrum. Later schoven er nog meer mensen aan, waaronder Carola van Mama’s online. Haar had ik eerder gezien, bij een dag van het Mediawijsheidexpertisecentrum, met haar mocht ik toen speeddaten en ik weet nog dat ik er een beetje een vreemd gevoel aan had overgehouden. Ik kan mij nog herinneren dat zij kinderen het liefste achter de pc vandaan wilde halen en ze buiten wilde laten spelen. Toen ik begon over gamen in de bibliotheek…… Laten we het er op houden dat wij in compleet andere werelden leven.

Maargoed een gemengd gezelschap met verschillende standpunten en ideeen. Op zich interessant genoeg zou je zeggen. Alleen jammer dat de focus van de sessie steeds meer verschoof van algemeenheden naar veiligheid en op het einde het alleen nog maar ging over kinderporno op internet en cyberpesten. Begrijp mij niet verkeerd, ik vind het juist heel goed dat hier tegen wordt opgetreden en dat er iets aan wordt gedaan, maar het is niet iets dat deze groep op kan lossen. Hier moeten andere ministeries zich mee bezig houden. En eigenlijk vond ik het een beetje jammer dat het die kant op ging. Oke, de groep heeft veiligheid in de titel. Maar veiligheid kan op heel veel manieren en het kan zelfs ook vanuit een positieve kant benaderd worden. Tijdens deze meeting werd het meteen weer zo negatief en dat vond ik jammer.

De presentatie die Ancella Evers (VOO) deed over een idee dat subsidie heeft gekregen sneeuwde een beetje onder. Zij was voor dit idee op zoek naar partners en er waren een paar mensen aan tafel die reageerden. Maar het kwam niet echt van de grond. Of dit nu aan het idee ligt of aan de interesse van de tafelgenoten, ik ben er nog niet uit.

En toen het gesprek ook nog ging over een leeftijdsgrens aan wie deze werkgroep aandacht gaat schenken (op mijn initiatief dat weer wel) en deze grens gezet werd bij 18 jaar toen was ik helemaal teleurgesteld. Ik denk namelijk dat er een enorme grote groep vergeten gaat worden in de campagnes rondom mediawijsheid en ook binnen dit initiatief, deze groep is de groep studenten en 40/50-ers. Moeten zij niet geholpen worden om mediawijzer te worden? En wie pakt dit dan op? Wij hadden vanuit UGame – ULearn een voorstel geschreven voor een subsidie dat het niet haalde. Nu vind ik dat jammer maar wij vinden ergens anders wel geld. Waarom? Omdat ik het superbelangrijk vind dat er eens verder gekeken wordt dan scholieren, pubers en (vergeef mij) bejaarden.

Nu dacht ik al eerder dat dit niet de juiste groep voor mij was (ik twijfelde niet voor niets om wel of niet te gaan) en ik heb dat ook uitgesproken in een kort gesprekje met Marjolein dat wij aan het einde van de meeting hadden. Voor de werkgroep Digibeten was ik dus niet aangemeld en dat wordt alsnog geregeld. Ik denk dat ik daar een meer zinvolle bijdrage aan kan doen namelijk. Of ik nog een keer bij deze groep aanhaak, ik laat het even in het midden. Ik wacht de interactie die op de Linkedin groep plaatsvindt nog even af en besluit dan om mij al dan niet af te melden.

Web 3.0 – maar dan eenvoudig

Op de weblog The Next Web lees ik over een presentatie die Freek Bijl heeft gegeven over het onderwerp Web 3.0. In twee presentaties legt hij het semantische web uit op een manier die zelfs ik begrijp.

Hieronder de eerste deel:

Deel twee is (net als deel een) te vinden op slideshare. Origineel verzonnen, zo met die postzegel.

Uitnodiging voor Weblin

Vandaag ontving ik in de mail een uitnodigin van Namro Orman om Weblin te proberen. Omdat ik niet goed weet wat weblin is en wie achter Namro Orman schuilt ging ik even op onderzoek uit.

Weblin is software die jou (avatar) en andere zichtbaar maakt op het web. Op het plaatje kan je zien hoe. Mhmh wil ik dit wel…. Ook moet ik iets installeren om weblin te kunnen gebruiken.

Namro Orman is na wat zoeken Guus van den Brekel en dus lijkt het allemaal wel te vertrouwen.

Maargoed als ik dus de software van weblin installeer dan maak ik een avatar aan die ik continu in mijn scherm zie als ik aan het surfen ben. Als ik dan een vriend tegenkom op een website waar ik ben dan kunnen we chatten. In de privacystatement van weblin staat:
This program does not collect data. It does not track your locations for commercial use. The program only analyses the opened websites in order to enter the respective chat rooms.

En toch denk ik dat ik deze uitnodiging even oversla (sorry Guus, dank evengoed voor de mail). Als ik aan het surfen ben doe ik dat graag alleen en in rust. Als ik wil chatten doe ik dat wel bij Gmail of MSN. Als ik wil weten of andere mensen de sites gebruiken die ik gebruik dan vraag ik dat wel of zoek ik even in Google. Evengoed een leuk nieuw initiatief, alleen even niet voor mij.

Creatieveling nodig?

Mocht je ooit nog op zoek zijn naar een creatieve geest bij jou in de buurt neem dan even een kijkje op vindcreatieven.nl. Als ik mijn postcode intyp vind ik 1 creatieveling in de buurt.

Vindcreatieven.nl is een een project van het Amsterdamse communicatiebureau Vinland Concepts & Campaigns. Zij ontwikkelden de site in het kader van een tender van de ministeries van Economische Zaken en Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, bedoelt om de creatieve industrie te stimuleren en met het overige bedrijfsleven in aanraking te brengen. Mooi initiatief. Moeten nu alleen nog wat meer creatieven zich aanmelden.

Het semantische web

De Talking with Talis podcasts zijn altijd erg goed. En nu is er een nieuwe. Deze keer praat Fiona Bradley (Australische Librarian die werkt voor de IFLA in Nederland) 32 minuten over het semantische web en het belang daarvan voor bibliotheken. Fiona heeft ook een weblog ingericht over het onderwerp – Semantic Library.

Fiona is niet de enige die over dit onderwerp praat, er is namelijk een hele semantisch webgang. De podcast van Normag Gray en Eric Miller vind je hier en hier.

Open Library

In oktober 2005 schreef ik al heel kort over het Open Library initiatief en de mensen hierachter hebben niet stilgezeten.

De Open Library staat voor:

What if there were a library that held every book? Not every book on sale, or every important book, or even every book in English, but simply every book—a key part of our planet’s cultural legacy.

De bibliotheek moet op het internet te vinden zijn en zich gedragen zoals Wikipedia.

Second, it must be grandly comprehensive. Even when the full text of a book wasn’t available, it would take catalog entries from every library and publisher and random Internet user who is willing to donate them. It would link to places where each book could be bought, borrowed, or downloaded. It would collect reviews and references and discussions and every other piece of data about the book it could get its hands on.

En de bibliotheek moet open zijn, niet alleen toegankelijk voor iedereen, maar open zodat gebruikers de content kunnen aanvullen. (Lees meer op de About pagina van Open Library).

Op 29 februari was er een developers meeting om verder te discussieren over de te nemen stappen. Van deze meeting zijn opnames gemaakt die op deze website te bekijken zijn.

Meer weten over het initiatief, de techniek erachter en de boeken die inmiddels zijn opgenomen, neem dan hier een kijkje. Sommige boeken kun je al gewoon bekijken, voor anderen moet je een account aanmaken om verder te kunnen gaan.

Oprah flikt het weer!

Je kan echt alles aan deze vrouw overlaten. Begint ze een boekenclub, wordt dit een van de succesvolste ter wereld. Want alles wat Oprah aanraakt verandert in goud.

oprah.png

En nu heeft zij weer iets nieuws bedacht. Samen met schrijver Eckhart Tolle organiseert zij op maandagavond een online class die tien weken duurt. De podcast van deze uitzending is te downloaden via iTunes waardoor Oprah nu met stipt op nummer 1 staat in de lijst van meest gedownloade podcasts. Maar dat is nog niet alles. De livestream die zij op maandagavond verzorgt is gemaakt met een Silverlight speler en het kletsen met elkaar gebeurd via Skypevideo. De eerste uitzendingen werden door heel veel mensen bekeken. En hiermee bewijst Oprah dat het mogelijk is om met heel veel mensen tegelijk een livestream te bekijken en hier ook nog actief in te participeren ook (concrete cijfers en meer over de techniek erachter in deze post).

Ik wist al dat Oprah een bijzonder mens was, maar nu – met het omarmen van nieuwe manieren van communicatie – helemaal. En met Oprah’s keuze voor Silverlight en Skype zullen ook zij een graantje meepikken van dit succes.

Meer info: Oprah
Met dank aan: Read/Write Web

I know that

iknowthat.gif

De makers van I know that willen met de site kinderen de liefde voor het leven-lang-leren bijbrengen en doen dit door middel van multimedia en op een interactieve manier van leren.
Op de site vinden kinderen allerlei verschillende manieren om te leren, van leuke games tot plekken waar zij zelf content kunnen maken. Wiskunde, taal en kunst komen allemaal aan bod. Voor elke leeftijdgroep zijn er andere digen om te doen.
Voor docenten zijn er docentenhandleidingen voorhanden en er is een docent/ouders forum.
Meer info: I know that