Uitproberen: Nomee

Ik word getipt door Jane die schrijft over Nomee. Nooit van gehoord en nieuwsgierig genoeg neem ik een kijkje op de site.

nomee is all-in-one networking software.
not another social site, nomee is the tool that helps manage them all.
Powered by Adobe AIR, nomee simplifies online networking by organizing your contacts and interests all in one place. So you can focus directly on your people, not their sites. And your people can better know you, direct from their desktop.

Omdat je op zo’n site niet echt te weten komt hoe het werkt maak ik een account aan. Ik download de software (Adobe Air gebaseerd) en vul mijn accountgegevens in. Als ik zoek op Moqub komen er zo al 10 sites naar boven die ik gebruik. Aanklikken en klaar.

nomee

Vervolgens kan ik er voor kiezen om deze card, zoals het bij Nomee heet, publiceren of voor mezelf houden. Nu zie ik het nut niet echt in van het laatste dus publiceer ik de kaart. En ik kan hem naar vrienden sturen. Die krijgen dan een email die er zo uitziet:

nomee_card

Ik kan verschillende cards aanmaken met verschillende informatie, bijvoorbeeld een voor vrienden, een voor familie en een voor zakenrelaties.

Nu zegt Nomee dat met behulp van het programma you can focus directly on your people, not their sites maar dat is niet helemaal waar. Als ik een card van een bekende zie krijg ik ikonen van verschillende sns-en. Als ik wil weten of er nieuwe informatie bij is gekomen, bijvoorbeeld bij twitter of flickr dan klik ik op een ikoon om vervolgens naar de site toe te gaan. En dus gaat het nog steeds om de sites.

Een voordeel is wel dat ik vanaf mijn desktop de ikonen kan bekijken. De app ziet er zo uit:

nomee_app

Maar of ik hier nu echt iets aan heb. Ik weet het niet. Ik heb nog geen cards van vrienden, dus misschien helpt dat bij het begrijpen van de voordelen van Nomee. Maar vooralsnog zie ik het grote voordeel nog niet.

Het 24e ding

Gister was ik samen met Gerard en Jeroen te gast bij een brainstorm over wat te doen na 23 dingen, oftewel wat is het 24e ding. De brainstorm was georganiseerd door Biblioservice Gelderland (Yvonne Sinkeldam) en vond plaats in Elst. Er waren ongeveer 15 mensen uitgenodigd.

Wat mij opviel tijdens het voorstelrondje was dat er veel mediacoaches aanwezig waren (is dit een hype in opleidingenland, wat gaan al die mediacoaches straks allemaal doen, bij de kick-off van het Mediawijsheid Expertisecentrum waren er ook al zoveel aanwezig). Wat ook opviel is dat een mevrouw liet weten een soort van buiten de boot te vallen omdat zij de opleiding nog niet had gedaan. Waarbij ik mij dan afvraag wat leer je nu precies als mediacoach (een onderzoekje dat ik vast nog wel een keer ga doen).

Een paar opmerkingen die ik heb opgeschreven:

  • het kost zoveel tijd om met 23 dingen bezig te zijn
  • is weten wat social software en web 2.0 is voldoende voor medewerkers in de front-office
  • wordt 23 dingen voor de juiste redenen ingezet
  • is er een alternatief voor de term 23 dingen, het zijn zoveel dingen en dat schrikt af
  • sommige deelnemers worden verplicht om mee te doen maar over consequenties als je niet meedoet is nog niet gesproken

De eerste opmerking kwam meerdere keren langs. Gelukkig mochten Gerard en ik ons als laatste voorstellen. Het kost gerust tijd om met nieuwe toepassingen bezig te zijn maar het levert ook veel tijd op, ik zie het dus meer in kansen en mogelijkheden. Ik benadruk graag het positieve in plaats van het negatieve. Als je al begint met het kost veel tijd, hoe overtuig je collega’s dan dat het goed is om aan het programma mee te doen.

Na het voorstelrondje gingen we in groepjes van 3-4 personen brainstormen. Na de brainstorm mocht elk groepje 1 ding uitkiezen die wij wilden uitleggen aan de rest.

  • de digitale en fysieke biblioheek is een samenspel – het is niet tegen elkaar maar met elkaar (naar aanleiding van gemaakte opmerking dat sommige bibliotheekmedewerkers bang zijn voor hun (vaak traditionele) takenpakket als zij nieuwe dingen (moeten) uitproberen)
  • omdat de meeste mensen die aanwezig waren het gevoel hebben dat er na 23 dingen niets gebeurd is het idee geopperd om nieuwe toepassingen te blijven communiceren met de groep die het programma hebben doorlopen. Ik wees de groep op de na 23 dingen wiki waar nog niet iedereen het bestaan van kende.
  • Ook werd het idee gelanceerd om een paar mensen uit de organisatie verantwoordelijk te maken om de ontwikkelingen in de gaten te houden en nieuwe programma’s te lanceren. Daag medewerkers uit om nieuwe dingen/toepassingen voor de bibliotheek te bedenken en schrijf een prijsvraag uit. Ik dacht even door nadat de term ambassadeur werd genoemd. Stel nu dat je medewerkers ambassadeur laat zijn van jouw bibliotheek. En dat deze ambassadeur de bibliotheek op internet een plaats geeft (dit heeft weer te maken met online aanwezigheid). Deze ambassadeur kan elk jaar een andere medewerker zijn. Dan kun je een landelijke wedstrijd uitschrijven voor ambassadeur van het jaar (niet informatieprofessional van het jaar omdat niet iedereen zich verbonden voelt met die term). De ambassadeur werkt met 23 dingen of met meer dingen, het is in ieder geval iemand die nieuwe media en toepassingen inzet om de bibliotheek op de kaart te zetten.

Daarnaast is mij ook duidelijk geworden dat de coaches zo belangrijk voor het proces zijn dat het voor mij niet anders kan dat zo’n coach zich als een vis in het water moet voelen met web 2.0 en social software. Deze coach moet veel toepassingen vaak of in ieder geval regelmatig gebruiken om de waarde ervan in te kunnen schatten. De coach moet een bekende zijn in het netwerk en weten wie zich waar mee bezig houdt. Hij/zij moet van te voren in kunnen schatten welke vragen er uit de groep komen en het antwoord al weten voordat de vraag gesteld wordt. Wat mij betreft kan dus niet iedereen zomaar 23 dingen coach zijn.

En dan het management. Het management is al veel over gezegd en geschreven. Als zij zelf niet meedoen aan 23 dingen, als zij de tijdsinvestering belangrijker vinden dan het spelen van de medewerkers en als zij geen visie hebben over hoe verder na 23 dingen dan kun je op je vingers natellen dat 23 dingen leuk is om te doen maar dat er daarna niets mee gebeurd.

Gebruikt beeldmateriaal is afkomstig van Flickr – 24 van internets diary

Uitproberen: PicLits

Via Jane’s E-learning Pick of the Day kwam ik bij PicLits uit. Een site waar je tekst op afbeeldingen kan plakken zodat je, voor bijvoorbeeld een presentatie, een quote op een bijzondere afbeelding kan tonen. Nu kan je dit natuurlijk in photoshop of powerpoint doen, maar soms heb je die pakketten net niet bij de hand.

Het werkt heel eenvoudig, kijk maar:

Zoals je ziet ben ik er met de ondertiteling uit gekomen. Niet dat dat heel goed werkt want je kan de tijd dat een tekst in beeld is niet gemakkelijk aanpassen, soms is de tekst dus een beetje snel weer weg.

PicLits geeft je de mogelijkheid om de beelden te bewaren (moet je wel eerst registreren) en om ze op je blog of in een SNS te plaatsen. Ook kunnen anderen jouw PicLit raten en van commentaar voorzien. Handige tool, die ik graag in Flickr terug zou willen zien. Daar zoek ik immers naar afbeeldingen voor presentaties en het zou toch fantastisch zijn als ik een afbeelding heb gevonden die ik mag gebruiken waar ik dan op een eenvoudige manier een quote in kan plakken. Met dank aan TrendMatcher die mij in de comments wees op Picnik en Flickr, waarmee je binnen Flickr (als je op edit photo) klikt direct tekst toe kan voegen aan een afbeelding.

Uitproberen: ScreenToaster & Twitter Browser

Bij het doornemen van mijn feeds kwam ik een handig tooltje tegen bij ZBDigitaal, ScreenToaster genaamd. Met ScreenToaster kun je heel gemakkelijk screencasts opnemen en publiceren op het web. Omdat ik het wel wilde uitproberen zocht ik in mijn lijst van uitprobeerdingen naar een site die wilde gebruiken, het werd Twitter Friends Network Browser waarmee je je twitter netwerk kan visualiseren. En dit is het resultaat:

Ik wilde nog wat tekst toevoegen en volgens het demofilmpje zou dit niet moeilijk moeten zijn. Maar op de een of andere manier lukte het niet. Ik was allang blij dat ik de screencast kon maken want FF bleef vaak hangen in het opstartenscherm voor de opname.

Het fijne van ScreenToaster is dat het eenvoudig werkt en gratis is. Aanmelden kost niets en is binnen seconden voor elkaar. Als je eenmaal een screencast hebt gemaakt kun je deze via twitter, facebook, delicious, etc. verspreiden. Of in een blogpost plakken (embed) of de url aan een bekende sturen. Of uploaden naar YouTube (nog in test).

Uitproberen: WhosTalkin

Ik ben altijd heel nieuwsgierig naar wat er over mij wordt geschreven en dus heb ik een aantal google-alerts aan staan die dat voor mij bijhouden. Maar WhosTalkin is ook een interessante. Eigenlijk is het heel eenvoudig, je typt een zoekwoord in en zoekt in verschillende social media sites. In de resultaten kom ik vooral posts van mijzelf tegen (onder andere twitter en mijn eigen blog) maar soms zit er eentje tussen van iemand anders. Jammer genoeg geen rss-feed en na een paar keer proberen zal de lol er ook wel af zijn.

whostalking

Met dank aan: Beth’s Blog

Bibliotheken en Twitter

De laatste paar maanden heb ik mij overgegeven aan het informatiegeweld op Twitter en soms is het leuk en soms net een beetje te veel. Nog niet zo veel dat ik er mee ophoud, ik kies er gewoon af en toe voor om tweets niet allemaal te lezen. Tweetdeck helpt hierbij. Ik heb een aantal twittervriendjes en vriendinnetjes in groepen ondergebracht zodat ik deze tweets snel kan overzien en dus lezen.

Maar wat ik mij nu op de laatste dag van het jaar afvraag is hoeveel bibliotheken iets met twitter doen. En als zij er dan iets mee doen, wat dan? Misschien zijn er zelfs al evaluaties te vinden. Ik ga even rondneuzen op internet op te zien wat ik kan vinden.

Deetje schrijft in maart van dit jaar dat zij een apart twitteraccount voor haar bibliotheek heeft geopend. Dit account wordt gebruikt om collega’s en internetgebruikers tips door te geven maar ook administratieve mededelingen zoals openingstijden. En andere bibliotheek die ik vind die twitter gebruikt is het Vredespaleis.

twitterpp

Een account waar de bibliotheek aan mee heeft gewerkt en waar Rita over schrijft is deze waar je gelukskoekje spreuken op kunt vinden.
De NVB maakte een account aan om tijdens een symposium te twitteren. Het account wordt nog in de lucht gehouden maar veel activiteiten worden er niet ondernomen om het account te vullen. Een bibliotheekopleiding die ook een twitteraccount heeft is IDM Groningen.
Bibliotheek Zt uit Zeist (een bibliotheek van TNO) begon goed maar viel stil in oktober van dit jaar. En de betabieb is zo web20 opgezet dat een twitteraccount natuurlijk niet mag ontbreken.

En als ik dan de lijst naloop op de biblioblogwiki dan zie ik dat de overige twitteraars persoonlijke account zijn van personen die toevallig in een bibliotheek werken. Op de libsuccess-wiki staan wel een aantal voorbeelden van Amerikaanse bibliotheken die twitter gebruiken, maar echt heel veel zijn het er niet.
Vragen waarvan ik weet dat deze leven als het gaat om twitter en de bibliotheek werden gesteld door joukeinenschede op het forum van de bibliotheek20ning. Jeroen van Beijnen post zijn reactie daar ook. Maar daar gaat het mij in deze post niet over. Deze post gaat over de zoektocht naar bibliotheken op twitter.

De (amerikaanse) bibliotheken die ik vind gebruiken twitter als vraagbaak, als plek waar posts van blog worden aangekondigd, als praktische infogids of als nieuwsflow. Mainstream is twitter nog niet. Maar dat kan het wel worden, of misschien toch niet. Maar eigenlijk maakt dat ook niet zoveel uit. Want waar zijn die Nederlandse bibliotheken op twitter te vinden? Nergens dus – nouja op een paar na. Soms denk ik dat het sterk afhankelijk is van de mensen die in de bibliotheek werken of een tool zoals twitter wordt opgepakt. En dus zou je verwachten dat openbare bibliotheken als Haarlem, Delft en Middelburg een twitteraccount hebben. Niet dus. Maar waarom dan niet? Omdat het management er het nut niet van inziet, of niet wil experimenteren met nieuwe informatiestromen, misschien zelfs omdat er geen tijd is om het goed op te pakken? Want wie zou de twitterstroom moet vullen in de bibliotheek? Iemand van de informatiebalie, een informatiespecialist of een ict-er? Eigenlijk kan iedereen het doen dus waarom niet een van die drie personen.

Ik was geen voorstander van twitter toen deze tool pas op het net te vinden was. Inmiddels ben ik om en zie ik mogelijkheden, zelfs voor een bibliotheek. Dat wordt dus een van mijn goede voornemens, de TU Delft Library op twitter. Want hoe makkelijk het is om mij zo over andere bibliotheken uit te laten. Mijn bibliotheek is ook nog niet op twitter terug te vinden. Nu eerst het management ervan overtuigen dat het een goed ding is om te doen.

Al is het alleen maar om bijvoorbeeld een coole twitterbutton als deze op de website te mogen zetten. Bijna net zo blauw als de huisstijl.

Uitproberen: MyClusta

MyClusta is een website waar je een visuele bookmarkpagina mee aan kan maken. Je kan hier al je favoriete sites onderbrengen zodat je met een url toegang hebt tot deze. Het ziet er zo uit:

myclusta
Je geeft de url en als het MyClusta deze herkend dan krijg je een logo te zien die je op de pagina toe kan voegen. Nog niet alle pagina’s krijgen automatisch een logo. In dat geval kun je er zelf een afbeelding bij zoeken via Google. Echt moeilijk is MyClusta niet, maar of het nu handig is. Ik ben er nog niet helemaal uit.

Met dank aan: Go2web20

Uitproberen: eatbite.com

Via Springwise word ik getipt over een site waar je door middel van foto’s kan bepalen waar je gaat eten. De site heet eatbite.com en is jammergenoeg alleen te gebruiken voor mensen die in New York op zoek zijn naar iets lekkers.

Nu maak ik zelf ook regelmatig foto’s van het eten en plaats ik die op Flickr. Ik kan mij dus heel goed voorstellen dat gebruikers foto’s plaatsen op eatbite en anderen daar op reageren. Als je een foto tegenkomt waar lekker eten op staat kun je er op klikken en krijg je het adres van het restaurant en een kaartje van google maps met de lokatie.

In Nederland is Iens natuurlijk de site die je bezoekt als je op zoek bent naar een nieuw/leuk/origineel restaurant. Alleen bij Iens krijg ik geen foto’s van het eten te zien. En dat zou natuurlijk wel een leuke toevoeging aan de site zijn.

Ik kan mij ook voorstellen dat dit voor bibliotheken een leuk idee is. De NVB riep onlangs op om een recensie te schrijven van een lunch of diner in de bibliotheek. Het liefst met een foto. Als nu die foto’s op een site zoals eatbite worden gezet dan kun je aan de hand van de foto bepalen naar welke bibliotheek je gaat om te eten.

Gebruikt beeldmateriaal is afkomstig van Flickr – wild king salmon van cchen

Uitproberen: Picnik

Picnik is een foto-editing tool waarmee je online en zonder registratie hele leuke dingen kan doen.

Zoals het aanpassen van een foto (kleur, grootte, draaien, rode ogen weghalen), het geven van effecten aan de foto, of het gebruik van verschillende fonts om teksten aan een foto toe te voegen. Maar ook de mogelijkheid om een heel verhaal met een beeld te vertellen door het samenvoegen van verschillende foto’s. De foto’s die je gebruikt kun je binnenhalen van verschillende fotosites, zoals Flickr, Facebook, Picasa, MySpace en PhotoBucket.

Ik druk op de knop connect to Flickr en binnen twee stappen zijn mijn flickr foto’s beschikbaar voor gebruik binnen Picnik. Ik kan door mijn sets heen bladeren en kies een foto van een de designer toys. Door dubbel te klikken op de foto wordt deze beschikbaar om te editen binnen Picnik.

Ik pas de foto aan en kan ervoor kiezen deze weer op Flickr te bewaren. De tag Picnik wordt automatisch toegevoegd, maar dit kun je uitzetten. En als je niet wilt dat de foto in dezelfde set als het origineel wordt bewaard kun je dit ook aangeven.

Bij het bewaren wordt ik gevraagd om een account aan te maken voor Picnik. Dit hoeft niet maar het mag wel. Het voordeel van een account aanmaken is dat de afbeelding dan ook op Picnik wordt bewaard en je de volgende keer makkelijker kan aanpassen als je dit zou willen. Ik kies ervoor om nog geen account aan te maken. Eerst maar eens verder kijken wat Picnik allemaal kan.

Ik wil wel wat tekst toevoegen. Ik heb veel fonts om uit te kiezen. Kan kleurtjes en grootte van de letters aanpassen en de tekst heen en weer schuiven. En als het mij niet bevalt delete ik de tekst gewoon. Ik klik op de tab save & share en bewaar de foto weer bij Flickr. Ik kan ervoor kiezen om het bestaande bestand op Flickr te vervangen of een nieuw bestand aan te maken. Ik doe het laatste.

Er zijn teveel mogelijkheden om allemaal uit te proberen maar ik test er nog eentje, de tab frames. Ik maak een polaroid van mijn afbeelding.

Ik heb ongeveer een half uurtje met Picnik gespeeld en ben al erg onder de indruk. Het is een eenvoudige tool, de tabs spreken voor zich en het gebruikersgemak is groot. Het voordeel van Picnik is dat ik de keuze heb om een foto te uploaden of een bestaande foto te gebruiken die al op een van de sites sta die ik gebruik. En zelfs zonder in te loggen kan ik van alles doen. Er is een extensie voor FF en IE om een afbeelding die je ergens tegenkomt direct aan te passen binnen Picnik. Er is een blog die je kan volgen voor updates en meer informatie en waar je kan lezen over een wedstrijd die wordt gehouden. De foto’s die aan deze wedstrijd meedoen (thema holiday around the world) vind je op Flickr in de group pool Picnikers. En uiteraard is Picnik ook op Twitter te vinden.

En wil je meer dan dat je zonder inloggen of met een gratis account kan doen. Een premium account kost $24,95.

Met dank aan: TLC

Uitproberen: Living Social

Tijdens de Onderwijsdagen vroeg Gerard mij om even naar zijn presentatie te kijken. Hij liet mij toen onder andere Living Social zien. Living Social is een social cataloging site voor onder andere boeken, video games, films, televisieshows en bier.


In eerste instantie dacht ik, nee he niet weer, niet weer zo’n site waar ik al mijn boeken in moet voeren om mee te kunnen doen. Maar hier hebben de makers over nagedacht. Ik kan namelijk mijn LibraryThing boeken importeren, maar ook een Amazon wishlist of een ISBNlijst.

Wat ik niet helemaal begreep is dat als ik op boeken klik op de homepage ik ook alleen maar boeken in kan voeren. Maar na even zoeken zie ik bovenin een balkje waar ik een nieuwe interesse kan toevoegen, bijvoorbeeld videogames. Bij het toevoegen kan ik bij een menuutje in de zijbalk aangeven of ik het spel gespeeld heb, wil spelen en of ik het in mijn bezit of geleend heb.

Ik heb even rondgesnuffeld op de site en wat boeken toegevoegd. Op zich gaat dat gemakkelijk maar vooralsnog zie ik nog niet echt voordelen van deze site. Misschien moet ik er iets langer rondhangen. Maar voor nu vind ik het even genoeg.