Bijeenkomst: Atelier Het Nieuwe Werken/Leren in het WO

Gister was ik bij een bijeenkomst met als thema: Atelier Het Nieuwe Werken/Leren in het WO – georganiseerd door PRC (vanaf 1 juli Arcadis). De bijeenkomst werd gehouden in het David de Wiedgebouw van de Faculteit Bètawetenschappen van de Universiteit Utrecht. Dit gebouw is net nieuw en dus was, naast het programma van de bijeenkomst, de rondleiding een reden om naar Utrecht af te reizen.

Helaas kwamen collega Saskia en ik iets later aan en hebben wij het begin van de bijeenkomst gemist. Wij vielen binnen bij de presentatie over Smart @ Work van de VU. Nu ben ik daar laatst op visite geweest maar had ik door een afspraak bij de bibliotheek deze presentatie gemist.  Het is goed om te zien dat de VU, net als de TU Delft, bezig is met een visie voor de universiteit in 2025.

Wat de VU Smart @ Work naast bricks, bytes en behaviour heeft toegevoegd is broadcast. Uiteraard omdat communicatie naar en tussen mensen heel belangrijk is.

Na de presentatie hebben wij gediscusieerd over verschillende stellingen zoals wat maakt het nieuwe werken voor universiteiten zo bijzonder en hoe ga je met ontwikkelingen als het nieuwe werken om in tijden van bezuingingen.

Ik was duidelijk een vreemde eend in de bijt. De overige deelnemers werkten of bij Vastgoed-afdelingen of bij Facilitaire Zaken. Het gaat dan ook al snel om gebouwen en inrichting. Terwijl je volgens mij ook het nieuwe werken kan invoeren in een oud gebouw met oud meubilair.

De rondleiding was ook zeker interessant te noemen. Ik heb echt mijn best gedaan om te begrijpen hoe het inrichtingsconcept past bij het nieuwe werken. En of het alleen de inrichting was die het nieuwe werken moet weergeven of dat er ook aan de cultuurkant iets is gedaan.

Ik zag kantoortuinen waar iedereen (AIO’s en tijdelijke werknemers/onderzoekers) een vaste werkplek had (inclusief plantjes en foto’s), ik zag kantoren zoals we die allemaal wel kennen (voor meerdere personen) en ik zag concentratiewerkplekken.

Concentratiewerkplekken met een tafel. Geen stoel. Er werd niet veel gebruik van gemaakt hoorden wij later.

Het kantoorgedeelte is afgesloten voor het publiek. In de publiek toegankelijke ruimte bevinden zich de overlegplekken en loungeruimtes waar de koffiemachine staat.Dat concept vind ik erg goed, de onderzoekers halen koffie in de ruimte waar de studenten zich bevinden. Ik zie het al helemaal voor me om dat in de bibliotheek waar ik werk ook te doen, gezellig samen koffiedrinken met de klant.

Na de rondleiding kregen wij het boekje Het Nieuwe Werken : 54 do’s en don’t’s van Arcadis. De do’s en don’t’s zijn gerangschikt op processtappen zoals het besluit, de directie, de projectorganisatie, het proces, het inrichtingsconcept, de communicatie en de ingebruikname.

Bij elke processtap worden eerst de do’s en don’t’s gegeven en vervolgens wordt er dieper op ingegaan.

Een paar mooie om te onthouden:

  • laat duurzaamheid een drijfveer zijn
  • inspireer door de juiste vragen te stellen
  • leg de leiding niet bij de facilitaire dienst
  • benoem een groep ambassadeurs
  • Het Nieuwe Werken is meer dan een project
  • benader het gebouw vanuit het werkproces
  • blijf niet te lang bezig met tegenstanders, steun de voorstanders
  • de echte cultuuromslag begint pas na de verhuizing

Deze week komt het projectteam van IKWERK! (zoals we de pilot rondom het nieuwe werken bij de TU Delft Library noemen) voor het eerst samen. Ik zal een aantal do’s en don’t’s hier zeker gebruiken. En daarom alleen al was dit bezoek de moeite waard.

 

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published.