SURF Onderwijsdagen – dag 1 – Open Content: de gebruiker aan zet

Joeri van den Steenhoven gaf ons een kijkje in de keuken van Kennisland door te spreken over de projecten die zij momenteel uitvoeren. Kennisland wil Nederland slimmer maken omdat ze bij Kennisland geloven dat het nodig is en omdat zij denken dat het kan.

Eerst liet van den Steenhoven een filmpje zien van Charles Leadbeater.

Hierna ging hij in op open content. Open content kan gebruikt en gemaakt worden door allerlei verschillende partijen en individuen. Dit betekent dat er nieuwe spelers meedoen die gebruik maken van de nieuwe technologie die momenteel beschikbaar is via het web. Van den Steenhoven noemt de Digitale Stad Facebook avant la lettre. Dus eigenlijk was de Digitale Stad de eerste social networking site.

Degenen die de veranderingen als eerste doorhadden waren de individuen. Het web wordt ons externe brein, met wikipedia als mooiste voorbeeld. Met deze nieuwe mogelijkheden en open content zie je ook het mediagebruik onder jongeren veranderen. Er wordt meer gebruik gemaakt van internet dan dat er televisie wordt gekeken. Het dataverkeer van en naar consumenten is tegenwoordig groter dan het dataverkeer van bedrijven en dat is bijzonder te noemen.

Maar wat betekent dit nu?

Er is een enorme stroom aan informatie, misschien zelfs wel een overload. Een van de uitdagingen is hoe je dat moet filteren. Hier ligt een nieuwe taak voor individuen en organisatie die op gaan staan en die op een of andere manier gaan filteren.

Find it, rip it, mix it, share it!

Er bestaan drie soorten domeinen: het publieke domein, het commerciële domein en het maatschappelijke domein. Alledrie met eigen media zoals het web bij het derde domein hoort. Op dit web komen wij op massaal niveau met elkaar in gesprek. We willen gehoord worden en op fora worden levendige discussies gevoerd. Deze fora hebben geen winstoogmerk en consumenten gebruiken ze om onder andere over content te praten. Maar content betekent pas iets als het binnen context wordt geplaatst en hier ligt een rol voor het onderwijs. Dit nieuwe kennisdomein dat ontstaat is uitermate geschikt om als onderwijs in te duiken. Het onderwijs kan vragen stellen over kwaliteit en betrouwbare informatie beschikbaar stellen. Daarnaast zijn netwerken het organisatiemiddel van deze tijd. Het onderwijs moet hier dus iets mee doen.

Een van de projecten van Kennisland is digitale pioniers. Dit project is ontstaan om:

financiële en organisatorische ondersteuning te geven aan innovatieve internetinitiatieven van kleinschalige maatschappelijke organisaties.

Dit project is opgezet omdat Kennisland meent dat vernieuwing komt van individuen of kleine groepen en niet van bedrijven. Deze groepen of individuen hebben vaak weinig geld nodig om idee uit te werken. Met ongeveer 25.000 euro ondersteunt Kennisland dit soort initiatieven. Kennisland is nu aan het onderzoeken of zij dit project kunnen overbrengen naar het onderwijs. Docenten kunnen dan als individu of in een kleine groep ideeen inbrengen en uitvoeren. Begin volgend jaar zal een pilot gestart worden en daarna zal worden omgeschaald. Maar eigenlijk bestaat zo’n initiatief in Nederland al, Grassroots genaamd.

Een ander project waar van den Steenhoven over spreekt is beelden voor de toekomst, een groot digitaliseringsproject om het nationale beeldgeheugen van Nederland te ontsluiten. Kennis van professionals en kennis van consumenten wordt gecombineerd. Flickr the Commens en de beelden van het Nationaal Archief zijn succesvol, met al 300.000 bezoekers in een de eerste week.

De presentatie van van den Steenhoven staat al online bij Slideshare en dus plaats ik hem ook maar even hier.

Leave a Reply

Your email address will not be published.