Een blogoverzicht van #UGUL09

Posts met de aankondiging:

ZB Digitaal
Tame the Web
Ritanila
Pierre Gorissen en deze
Vereniging Openbare Bibliotheken
TU Delft
Trendmatcher en deze
Digitale Evolutie
Zoeken & Geloven
Archief 2.0 Ning
Den
ICTO nieuwsbrief TU Delft
Benedict Wydooghes
elearning.nl
Mosredna
On the way en deze
Bibliotheek 2.0 Ning en deze en deze

Posts over de 23e:

BiepLies WebLog
Essen2punt0 en deze
Digitale Archivaris (meerdere posts)
Bibliotheekr
Di2lib
Jan Tweepuntnul (meerdere posts)
Gerwin Pols (meerdere posts)
Rob Coers
e-learn / Willem van Valkenburg (meerdere posts)
Gadgets en onderwijs en deze
Pierre Gorissen en deze en deze
Blogparty en deze
Gerard Bierens en deze
ZB Digitaal
LibraryLingo
Never a dull moment
Kamer 2.16
Martijn Ouwehand
Astrid Scribbles (meerdere posts)
UBU Team Geesteswetenschappen
Eck23
Library Bytes (Helene Blowers)
Margreet van den Berg
SCM weblog en deze
Helikon
Bien there done that
Wuusgewijs
Kathy Dempsey (meerdere posts)
Trendmatcher
Schrijverdezes
Tom’s view
MT TU Delft Library
Hogeschoolbieb (dank voor de tip)
On the way

Foto’s van de dag:

Bij Mobypicture
Bij Flickr
UPDATE (9-5): foto’s van de ingehuurde fotografen staan ook op Flickr

Video’s van de dag:

Op YouTube
Op Ustream
Op Vimeo

Als ik nieuwe posts vind dan voeg ik ze hier toe. Mis ik er een, laat het mij dan weten dan zet ik hem in de lijst.

Mijn online aanwezigheid is verdeeld over het web

In april las ik een post van D’Arcy Norman die in mijn deliciouslijst verdween om op een later moment nog eens te lezen en over na te denken. Vandaag is zo’n dag om dat te doen, zeker omdat er ook andere berichten inmiddels langs zijn gekomen die in combinatie met de post van D’Arcy Norman voor mij een ingang zijn om wat bedenkingen op te schrijven.

D’Arcy Norman’s post heet scattered vs. individual publishing en gaat over de content die hij online plaatst maar die verdeeld is over het web. Hij schrijft:

I’ve been thinking a lot lately about publishing things individually, on my own, as opposed to scattering stuff across the various services out there. Partially, it’s because of some sense of wanting to retain control and ownership of what I do. Partially, it’s a thought exercise to help figure out what it would really mean for an individual to fully maintain their own digital identity as opposed to relying on any number of ephemeral third parties to enable that.

“Scattered” publishing involves a bunch of people navigating a bunch of services in order to find relevant bits published by the people they care about. “Individual” publishing involves individuals managing their content in one place, and letting the people they care about have access in any way they need.

Dus samenbrengen van de content die online verspreid is zodat mensen die jou volgen dit eenvoudig op een plaats terug kunnen vinden. Waarbij de maker van de content controle houdt over waar zijn/haar content terecht komt en hoe het wordt gepubliceerd. Maar ook het samenbrengen van mensen die op een eigen manier jouw content tot zich kunnen nemen.

D’Arcy Norman heeft natuurlijk gelijk, een blogger die foto’s plaatst, zijn links online bewaard, podcasts opneemt en publiceert en doet aan microblogging is daarmee op vijf verschillende plaatsen terug te vinden. Hij/zij kan natuurlijk op zijn/haar weblog links opnemen naar de sites waar ook content staat maar dat betekent dat de lezer extra moet klikken om die content te zien.

Het mooiste zou natuurlijk zijn als je gebruik kan maken van een systeem waar je alles tegelijkertijd kan doen. Dus een tool waar je foto’s kan uploaden, links kan bewaren en blogposts kan schrijven. Waarbij het systeem er dan voor zorgt dat mijn foto’s ook automatisch bij Flickr terecht komen en mijn links bij Delicious.

Als je het andersom zou doen, dus alle content die er van jou bestaat op een plaats samenbrengen dan kun je gebruik maken van tools als Netvibes waar je dan een eigen publieke pagina aanmaakt. Maar tegenwoordig zijn er ook plugins voor bijvoorbeeld WordPress die dat voor jou doen. Lifestreaming heet het principe van het samenbrengen van content.

Lifestreaming is niet nieuw, het bestaat al sinds 1996 en is bedacht door Eric Freeman en David Gelernter van de universiteit van Yale. Op de website van het onderzoek staat:

A lifestream is a time-ordered stream of documents that functions as a diary of your electronic life; every document you create and every document other people send you is stored in your lifestream. The tail of your stream contains documents from the past (starting with your electronic birth certificate). Moving away from the tail and toward the present, your stream contains more recent documents — papers in progress or new electronic mail; other documents (pictures, correspondence, bills, movies, voice mail, software) are stored in between. Moving beyond the present and into the future, the stream contains documents you will need: reminders, calendar items, to-do lists.

In die tijd werden rssfeeds nog niet veel gebruikt en stond bloggen nog in de kinderschoenen. Maar met het gebruik van social software en web 2.0 tool werd ook de vraag naar een persoonlijk overzicht groter. Superglu speelde hierop in, een site waar je jouw content van delicious, flickr en weblog kan samenbrengen.

In 2007 schrijven een aantal bloggers al over de problemen die zij tegenkomen bij lifestreaming, bijvoorbeeld Emily Chang en Jeremy Keith. Zij probeerden verschillende tools uit en bouwden tenslotte zelf een lifestreamingpagina. Het valt mij op dat lifestreampagina’s niet het toppunt zijn van mooie vormgeving. De meeste lifestreampagina’s zijn saaie lijsten van data en content. Maar meer hoeft het niet te zijn toch?

Of toch wel? Op de ReadWriteWeb stond vorige week het artikel The Future of Blogging Revealed, Edwin schreef hier ook al over. In dit artikel aandacht voor Julia Allison, die een wel heel mooi vormgegeven lifestreamingpagina heeft gemaakt in plaats van een weblog. De pagina lees je van links naar rechts zodat het idee van een tijdlijn ontstaat.

Volgens ReadWriteWeb zijn lifestreamingpagina’s de nieuwe blogs, de tools zijn tenslotte voorhanden en Julia bewijst dat zij succesvol is met haar lifestream. Nu denk ik dat het wel mee zal vallen. Niet iedere blogger wil zijn hele hebben en houwen samenbrengen op een pagina. Misschien wel voor zichzelf om het overzicht te houden en om af en toe eens te kijken naar wat hij/zij twee jaar daarvoor ook alweer deed. Ik weet dat ik het erg grappig vond om van de week door oude blogposts te gaan om deze te editen. Je komt zo leuke en interessante dingen tegen. Een pagina waar ik in een tijdlijn kan zien wat ik heb gedaan lijkt mij dan ook handig. Maar niet als homepage van mijn blog. Mijn blog is mijn blog en daar schrijf ik posts. Wat ik wel graag zou willen en al eerder zei, is een blogsysteem waar ik mijn foto’s en links ook kan bewaren en die deze dan omzet naar Flickr en Delicious. Naar mijn weten is dat er (nog) niet, maar als iemand een tip heeft dan hoor ik het graag.

Gebruikt beeldmateriaal is afkomstig van Flickr –let there be lights van mag3737

Web 2.0 presentatie

Gistermorgen hield ik voor een aantal geinteresseerde medewerkers van de opleiding Psychologie een presentatie over web 2.0. Het publiek was zeer gemengd en dus was het moeilijk om datgene te vertellen waar iedereen iets aan zou hebben. Ik denk ook dat de “techneuten” veel bekende dingen hebben gezien. Een van hen mailde mij vandaag een grappige link door waar ik een afbeelding vond van een rss-uitleg op de Oprah manier.

Ik heb aan de groep iets verteld over netvibes, flickr, blogs, rss, social bookmarking en folksonomy, ajax en de bedenkingen bij web 2.0.

Er ontstond een interessante discussie over hoe een en ander in te passen is in het onderwijs en wat me daarbij het meeste opviel was een opmerking die neerkwam op het volgende; als ik met social software maar 10% van de leerlingen bereik en bijvoorbeeld twee applicaties moet onderhouden om de hele groep te bereiken dan gebruik ik social software liever niet. Ik begrijp deze opmerking, iedereen heeft het druk ook de docent, maar als niemand de mogelijkheden van web 2.0 en social software binnen de EUR onderzoekt en uitprobeert dan wordt het inderdaad niets met social software in ons onderwijs.

Ik vroeg daarom aan de groep of zij wisten wat de student gebruikt en of zij wel eens gegoogled hebben op namen van studenten… en toen was het even stil. 4324 EUR-studenten gebruiken Hyves en daarmee staat de Erasmus Universiteit op de tweede plaats, net onder de Universiteit Groningen.

4324 studenten, dat zijn er heel veel. Deze studenten zijn via Hyves te bereiken, hier leggen zij contacten en chatten zij met medestudenten. Hoeveel tijd zou het een docent kosten om een pagina in Hyves aan te maken en om studenten hier op te wijzen? Hoeveel tijd kost het een docent om aan de studenten te zeggen dat zij een presentatie niet met behulp van een powerpoint maken maar met een wiki of een blog, of zelfs een flickr-foto-presentatie? Hoeveel tijd….. en wat levert het op. Ik denk de mogelijkheid om met studenten te communiceren op de manier die zij gewend zijn. Open staan voor verandering laat de student zien dat wij als universiteit meedoen aan de nieuwe trends. Misschien wordt het niets en werkt het niet… maar dan heb je het in ieder geval geprobeerd.

Een van de aanwezigen opperde om een oproep te doen onder studenten en hen te vragen het komende jaar mee te discussieren over de mogelijkheden van web 2.0 binnen het onderwijs. Een ontzettend goed idee en ik moet zeggen dat ik heel graag bij deze brainstormsessies zou willen zijn. Misschien moet ik het eens vragen of het mogelijk is….