de bibliotheek en communitybuilding

Het is helemaal hip en iedereen doet het, of toch niet? Communitybuilding. Wat is het en hoe doe je het was de vraag die gister beantwoord werd tijdens de voorjaarsbijeenkomst BNB-VLB in Eindhoven. Locatie, het supermooie Student Hotel. Voor hen die niet weten van BNB-VLB is dat zijn de Brabantse en Limburgse Openbare Bibliotheken samen. Het ontbijt stond voor ons klaar, dus je begrijpt, we begonnen vroeg.

Fanny van het Student Hotel vertelde ons over het concept en het doel van het hotel: a complete connected community. Er is een mix van studentenkamers en hotelkamers aanwezig en er worden activiteiten georganiseerd waar iedereen welkom is om zo de synergie en de samenwerking een boost te geven. Nieuwe mensen leren kennen die je niet had ontmoet als je geen kamer in het hotel had gehad.

Voor de medewerkers betekent dit dat zij een aantal kernwaarden heel goed moeten begrijpen en dat zijn:

  • connect
  • be you
  • share & discover
  • with a blink (denk ik, weet ik niet meer zeker)

En dit voel je als je binnenkomt om je heenkijkt en er gelijk iemand je komt helpen. De medewerkers hebben heel goed door hoe het moet en wat werkt en je voelt je welkom en dat is fijn.

Hierna vertelde Robin Verleisdonk van het innovatieteam van de Openbare Bibliotheek Eindhoven over een aantal projecten.

Op de website expeditie-anton.nl vind je meer informatie over de projecten waar zij momenteel mee bezig zijn. Robin vertelde over 3 projecten.

De eerste was een applicatie voor boeksuggesties gebaseerd op het uitleengedrag van bibliotheekbezoekers. Het prototype wordt nu getest en zoals het er naar uit ziet kan de koppeling gemaakt worden met het datawarehouse van de KB. Vanaf komende maand wordt de applicatie in de bibliotheek getest.
Het tweede project was de verkoop van afgeschreven boeken via bol.com, onder de naam re-library. Momenteel gebeurt en nog veel in dit proces met de hand maar als het geautomatiseerd kan worden is dit wel een geweldig idee.
Het idee van Verse Leeswaren was fantastisch maar in de praktijk werkte het toch niet. En dat kan en mag ook, dingen uitproberen en als het niet werkt gewoon mee stoppen, niet eindeloos doorgaan, stekker er uit en weer aan iets nieuws beginnen. Het idee zou volgens Robin kunnen werken als het landelijk wordt uitgerold.

Kirsten Wagenaar vertelt al jaren over het ontwikkelen van communities. Zij had dan ook een ijzersterk verhaal waar ze in zo’n 2 uur ons doorheen nam.

Laten we beginnen met wat een community is.

on- en offline platform(en) waar mensen met gemeenschappelijke interesses regelmatig bijeen komen om ervaringen te delen en activiteiten te ondernemen om zo elkaar te leren kennen

Je kan een community best wel vergelijken met een Engelse tuin. Het duurt wel even voordat de community is zoals je hem wilt hebben, het vraagt veel aandacht en zorg en het is continu in ontwikkeling.

En dan heb je nog de cirkel van betrokkenheid. Want je kan best vinden dat je iets leuks doet en dat iedereen lid moet worden van jouw groep maar niet iedereen doet dat vanuit dezelfde basisbehoefte.

  • er is altijd een harde kern
  • je moet dus niet teveel actieve mensen in je groep hebben
  • de achterdeur naar deze harde kern moet open staan en je mag altijd mee doen maar het hoeft niet, de meeste mensen willen ook niet actief meedoen

Ook als het gaat om de participatie zijn hier niveaus in te herkennen. Iedereen gebruikt de groep op zijn eigen manier en met zijn eigen motivatie.

  • informeren (blog, nieuwsbrief, social media)
  • raadplegen (stemmen, waarderen, delen)
  • betrekken (evenement, brainstormen)
  • samenwerken (wiki, blog, schrijven)
  • aansturen (leiding laten nemen, ambassadeurs)

Maar het gaat altijd om 2-richting verkeer en het opbouwen van een sterke band met je organisatie.

Als je met een community wilt beginnen moet je even nadenken over wat voor soort community je wilt maken. Is dat:

  1. een community of interest
  2. community of practice
  3. community of action
  4. community of circumstance
  5. community of location
  6. community of purpose

Kirsten heeft al een aantal trajecten in verschillende bibliotheken gedaan en zij zegt dat de programmering zo leidend is dat de eerste stap is om die los te laten en te beginnen met het individu. Zij spreekt over een persona en dan ben ik even in de war. Want een persona gaat in mijn beleving over een groep gebruikers die worden gerepresenteerd door een fictief persoon. Na een korte discussie en nog een vraag in de pauze kom ik er erachter waar de verwarring zit. Ik heb in het verleden gebruik gemaakt van persona’s vanuit het user centered design principe. Ik heb ook meegeholpen met persona’s voor het hele bibliotheekveld (wil je ze een keer zien of gebruiken klik dan hier). Kirsten gebruikt persona’s als de omschrijving van een individu. Beiden gebruiken we niet de persona’s zoals ze gebruikt worden in de communicatie/marketing hoek.

Voor de persona’s die gemaakt zijn voor het hele bibliotheekveld hebben we gebruik gemaakt van de assen ik kom iets doen/ ik kom iets halen en specifiek doel/ serendipiteit. De persona zoals hierboven uitgewerkt komt iets halen en weet nog niet precies wat dat is. Op deze manier zijn er 8 persona’s uitgewerkt die voor iedereen vrij te gebruiken zijn.

Maar goed terug naar het verhaal van Kirsten. Voordat je met een community start moet je onderzoek doen, wil je weten wie je gaat bedienen, hoe, welke strategische doelen je wilt bereiken, welke middelen je in wilt zetten (als een groep mensen elkaar elke maand ontmoet dan hoef je online echt geen plek te creëren want wat gaan zij daar dan doen, als het geen toegevoegde waarde heeft zoals samen de content bepalen, of een agendaplanning maken, etc.), hoe gaat je eigen organisatie mee en hoe ga je de groep activeren. Start met een kleine groep, maar laat hem wel telkens een beetje groeien. Je hoeft echt niet met Facebook aan de slag, er zijn voldoende andere pakketten die hetzelfde doen maar die niet je data verkopen. En als je een community manager in je organisatie hebt zet deze dan in.

Bedenk wel dat je om een community te managen een aantal taken moet verdelen zoals het modereren, het leiden van de groep, het organiseren van activiteiten, de analyse van het gebruik, werving en selectie maar ook relatiebeheer, etc. Daarnaast heb je rollen als de gastheer, de schrijver, de expert, de netwerker, de projectmanager, de curator, de evangelist. Je snapt, dit kan niet 1 iemand doen, dus beleg de taken voor het onderhouden van de community bij meerdere collega’s.

Is een community nieuw? Nee. vroeger had je bijvoorbeeld de vereniging en nu heet het een community. Uit de zaal komt de opmerking dat bibliotheken door de opschaling het gevoel voor de gemeenschap kwijt zijn geraakt en dat we terug moeten naar de mensen. Ik denk dat bibliotheken nog steeds het gevoel voor de gemeenschap wel hebben. Zeker de baliemedewerkers die de gemeenschap elke dag ziet langskomen. Hoe je een rol pakt als bibliotheek in het opzetten van een community daar ben ik nog niet uit, is dit faciliteren, is dit leiden. Waar zit de behoefte zou mijn eerste vraag zijn. En van daar uit verder redeneren. Niet nu ineens allemaal communities opzetten omdat het hip is. Kirsten Wagenaar praat al 10 jaar over communities. En dat zegt ook al wat.

Wil je de hele presentatie van Kirsten zien, deze staat op slideshare.

cubiss bijeenkomst – collectioneren nieuwe stijl

Vorige week reisde ik naar Strijp-S om bij Seats2Meet een Cubiss bijeenkomst bij te wonen. Het thema was al bekend omdat een aantal maanden geleden een zelfde soort bijeenkomst was georganiseerd voor Limburgse bibliotheekdirecteuren bij De Domijnen in Sittard. Toch stond er voldoende nieuws op het programma om het een interessante middag te maken. En waren er genoeg nieuwe mensen om te ontmoeten.

Cubiss had de middag als volgt aangekondigd:
Iedere bibliotheek is met zijn omgeving in gesprek over de toekomst van de bibliotheek. Een vraagstuk dat urgenter is dan ooit, gezien de voortgaande digitalisering van informatie, veranderingen in de samenleving en de terugtrekkende beweging van de overheid. Om richting te geven aan de ‘bibliotheek van de toekomst’ zijn bibliotheken zoekende. Een belangrijke vraag die daarbij wordt gesteld, is wat de rol en betekenis van de collectie is.

De introductie hierop werd gegeven door twee ministers van het ministerie van Verbeelding, Rob Bruijnzeels en Joyce Sternheim. Zij presenteerden het visiestuk van collectie naar collectie. Het visiestuk is zeker de moeite waard om eens te lezen en de aanbevelingen goed tot je door te laten dringen. Het zal ook een stuk zijn dat de komende tijd vaak wordt aangehaald en dan is het ook fijn om de inhoud te kennen.

Na het visiestuk vraagt de dagvoorzitter aan drie bibliotheekdirecteuren om te reageren op de inhoud.

De directeur van de Openbare Bibliotheek Den Bosch geeft ons een inkijkje in hoe zij met een jaarthema aan de slag zijn gegaan.

Zij kozen voor het thema tijd en hebben alle activiteiten daaraan opgehangen. Een mooi idee en zeker goed uitvoerbaar. Ook voor de klanten is het dan duidelijk dat een activiteit bij het jaarthema hoort. Alhoewel ik van iemand uit de zaal begreep dat een nieuw ontworpen meubel die in de bibliotheek stond met boeken over tijd niet werd gezien als onderdeel van het geheel. Deze bibliotheek zocht heel duidelijk de verbinding tussen de collectie en de programmeurs. Een verbinding die in veel bibliotheken, zo begrijp ik, een beetje verloren is gegaan toen deze afdelingen uit elkaar zijn getrokken.

De presentatie van Errol van de Werdt (directeur Stichting Mommerskwartier in Tilburg, waar ook het Textielmuseum onder valt) had de mooie titel, het museum is geen meneer meer. Voor mij is het Textielmuseum en heel goed voorbeeld van een museum dat zich de afgelopen jaren opnieuw heeft uitgevonden. Ik kom er graag en volg ze ook online. Misschien heeft dat ook te maken met het feit dat een oud collega uit Rotterdam in de bibliotheek van het museum werkt en haar kwam ik dan ook hier weer tegen. Nederland is ook maar een heel klein land.

Zijn betoog was inspirerend en ja ik heb aantekeningen gemaakt maar om nu de kern hier uit te pakken vind ik lastig. Het is vooral de manier waarop zij in Tilburg omgaan met het begrip betekenis geven en participeren/co-creëren dat ik bijzonder vind. Zij zijn een museum, een werkplaats en een academie in een. De lijntjes met Tilburg zijn kort en een bezoek op korte termijn zit in de planning. Ik ga hier vast nog meer over schrijven.

Na de presentaties was het tijd in groepjes van 10 in een worldcafe setting verder te praten over de uitdagingen die ons te wachten staan. Er was ook gevraagd om iets mee te nemen voor de collectie nieuwe stijl. De meesten hadden een boek meegenomen wat niet mocht ontbreken.

En ik natuurlijk niet. Ik had niets meegenomen omdat ik een mens mee wilde nemen (en die waren er al genoeg in de zaal). Een mens met een mooi verhaal dat was mijn toevoeging aan het geheel.

En Erik Boekesteijn, die de dag afsloot, had het ook over de mensen en hoe je de collectie en de verhalen met hen kan verbinden. Zijn jaar als beste bibliothecaris van Nederland is voorbij en nu brengt hij een deel van zijn tijd door in het land. Voor de KB mag hij namelijk bibliotheken helpen met innovatie. En zo kwam hij laatst ook langs in Limburg.

Voor dat idee moet ik nog even verder aan de slag met collega’s. Maar er is een zaadje geplant en dat is altijd goed. Als de zon weer gaat schijnen wordt dat een heel leuk idee met veel verbindingen. Ook met de collectie. En met mensen.

Cubiss had een goede middag georganiseerd op een inspirerende plek. Ik laat het allemaal even bezinken. Maar een lijst van te-lezen-rapporten en visies. Mocht je nu een tip voor me hebben, laat het me even weten. Mag via de socials of de mail, je weet me wel te vinden.

the branding house & seats 2 meet strijp-s

De afgelopen maanden heb ik regelmatig met Bas van e-office samengewerkt aan de persona’s voor ons project IKwerk! Op verschillende locaties spraken wij af, het nieuwe werken ten top. Altijd ergens in het midden van onze woonplaatsen zodat onze reistijd ongeveer gelijk zou zijn.

Zo ontmoetten wij elkaar bij Seats2Meet Strijp-S (Eindhoven). Ik wist dat ik hier gemakkelijk met de fiets kon komen (ook gedaan tijdens de Dutch Design Week) maar Bas bood aan om mij met de auto van het station te halen. Ook had hij een ruimte gereserveerd zodat we, zonder anderen te storen, aan het werk konden. Maar eerst een rondje door het gebouw.

Veel inspirerende ruimtes en een grote open plek om samen te werken of alleen aan het werk te gaan. In de loop van de dag liepen verschillende zzp-ers hier rond die in alle rust in de grote ruimte aan het werk gingen. Tijdens de lunch zaten Bas en ik samen omdat we een beetje laat waren. En zoals ik gewend ben van het Seats2Meet concept is de koffie en thee, maar ook de lunch gratis.

Maar ook spraken wij af bij The Branding House in Zaltbommel.

The Branding House is een inspirerende ontmoetingsplek voor ondernemende mensen en ambitieuze merken. Het geheel is opgezet volgens Het Nieuwe Ondernemen. Ontmoeten, inspireren en samenwerken zijn daarbij de uitgangspunten geweest. Wij hebben aanwaaiwerkplekken, stilteplekken, coachingruimtes, diverse vergader/trainingsruimtes en een theater.

Omdat The Branding House een half uurtje lopen is vanaf het station en de bussen niet echt in de buurt stoppen werd ik opgehaald door een medewerkster. Super service! In de auto vertelde zij over het concept, haar werkzaamheden en een bijeenkomst die die avond zou plaatsvinden namelijk de boeklancering De beste versie van jezelf van Miranda Kampers. Over (personal)branding gesproken.

Bas en ik zaten de hele ochtend met zijn 2-en in het samenwerk gedeelte. Fijne banken en stoelen, stopcontacten en wij werden ruim voorzien van koffie, thee en anders lekkers. Ook de lunch mochten wij hier gebruiken. Op het moment dat wij er waren werden er nog geen kosten berekend maar er zijn wel ideeën over hoe The Branding House dit vanaf 2012 aan wil pakken. Tijdens de lunch hebben we gesproken met een groepje van 3 dat hier maandelijks aan het werk is in een van de ruimtes die je kan afsluiten.

De lokatie heeft een industriële uitstraling en zal voor sommigen kaal aanvoelen. Toch vond ik het er niet ongezellig. En achter de inrichting zit een idee, de locatie heet dan ook niet voor niets The Branding House.

Voor activiteiten waarbij de merkbeleving belangrijk is, kan de locatie worden aangepast aan de look and feel van het betreffende merk. Het is ook mogelijk om grote objecten in het interieur te plaatsen (auto’s, machines, sculpturen) en een “catwalk” te maken van circa 25 meter lang.

Beide locaties zijn supergoed bevallen. De ontvangst was hartelijk en de service top. Dus als je in de buurt bent van Eindhoven of Zaltbommel en je wilt even werken of afspreken om samen te werken onthoud dan deze plekken.

Meer foto’s van Seats2Meet Eindhoven in deze set, van The Branding House in deze set.