Pidgin – voor alle soorten messaging

Van de week keek ik bij de Mediamarkt op zo’n klein laptopje en zag ik dat daar Pidgin op ge├»nstalleerd was. Thuisgekomen heb ik Pidgin gedownload en nu draait het. Heerlijk, mijn msn, google talk, yahoo chat allemaal samengebracht in 1 lijst. Pidgin werkt met tabbladen, dus als je verschillende chats open hebt, heb je ook verschillende tabbladen. Nu weet ik nog niet of dat heel handig is want ik heb nog niet gechat met meerdere mensen tegelijk, maar volgens mij moet het wel werken ook al zal het even wennen zijn. Pidgin is gratis, draait op verschillende platformen en is hier te downloaden. Het enige minpuntje is dat je alleen de contacten ziet die online zijn en dus niet de hele lijst met vrienden, maar ach zelfs daar kan ik wel overheen komen.

Wim Veen, wat een man!

Gister keek ik Tegenlicht (met dank aan de tip van Wilfred Rubens). Het onderwerp van deze aflevering was Ik en het Web, over pubers, internet, ouders en onderwijs. Wim Veen (hoogleraar educatie en technologie aan de TU Delft) nuanceerde de uitspraken die door de pubers, hun ouders en docenten werden gedaan. Heerlijk zoals hij zei dat ook hij content knipt en plakt en kijkt wat anderen schrijven (net als de jeugd), alleen hij doet aan bronvermelden. Ook mooi vond ik de uitspraak dat de jeugd heel veel dingen leert van internet, zoals bepaalde vaardigheden die zij straks nodig hebben. En dan de laatste, Wim Veen zegt dat hij te vroeg geboren is. En dat kan ik mij zo goed voorstellen. Ook ik heb dat soms. Want zeg nou zelf, als je 10 jaar geleden geboren bent dan is internet zo’n vanzelfsprekendheid en wat voor leven heb je dan nog voor je, heerlijk toch!

Trouwens vond ik de uitspraken van sommige docenten, pubers en ouders in Tegenlicht kort door de bocht. Zoals docenten kunnen het gat dat tussen hen en de studenten ontstaat niet meer dichten (nee niet allemaal, maar sommigen wel hoor). Jongeren msn-en alleen maar (misschien wel, maar echt niet allemaal. In de aflevering wordt zelfs het tegendeel bewezen. Met het meisje dat het moeilijk vindt om sociale contacten te leggen maar via internet met mensen over de hele wereld praat over manga). En naast die algemeenheden waren de uitspraken van Wim Veen voor mij een verademing. Heerlijk, zo’n man!

MSN in de bieb II

In december 2004 schreef ik over het afschaffen van MSN in onze bibliotheek, vanuit het management werden wij verzocht alle chat-achtige programmatuur van de pc te verwijderen. Uiteraard heb ik dit gedaan. Gelukkig zijn er ook webgebaseerde chatprogramma’s zoals webmessenger, Meebo en Google Talk.

Vandaag lees ik over een nieuwe ster aan de hemel: eBuddy. Je kunt inloggen met een MSN, Yahoo of AIM-account. Het nadeel van webmessenger vind ik dat je geen knipperend balkje krijgt als iemand je een bericht stuurt en je dus een bericht kan missen. Of dit bij eBuddy ook zo is weet ik nog niet want ik heb nog geen bericht ontvangen. Ik heb eBuddy aanstaan dus als ik vanavond nog ga chatten met iemand dan kan ik er vast meer over vertellen.

Meer info: eBuddy
Via: BlueAce

Update: het verzenden van een file gaat niet via eBuddy. Dat is wel jammer. Meer storend vind ik dat er niets in beeld beweegt, alleen een geluidje moet je duidelijk maken dat iemand iets wil zeggen. Bij deze: eBuddy wordt het niet voor mij.

Chat als dienst van de bibliotheek – hoe anoniem blijf je?

In december 2004 schreef ik al over msn in de bieb, waar ik een voorstander van ben. Ik vind het namelijk een interessante aanvulling op de dienstverlening. Waarom niet tijdens normale openingstijden ook online beschikbaar zijn voor klanten zodat zij de vragen die zij hebben niet in een e-mail hoeven te formuleren of, erger nog, langs te hoeven te komen om de vraag bij de informatiebalie te deponeren – net terwijl je lekker aan het studeren bent en echt de deur niet uit wilt.

Chad F. Boeninger van Library Voice schreef gister op zijn weblog over chatten in de bibliotheek. Hij en zijn collega’s gebruiken Trillian voor IM. Als zij chatten met gebruikers dan zijn zij online onder de naam van de afdeling.

Boeninger:

While we don’t have a policy of saying ?Hello this is (state your name) on IM, I am sure many of my colleagues are doing this. Many of my colleagues also have their pictures posted in their Trillian profiles, so patrons who IM them are going to see a picture of who they are talking to.

Ik kan me goed voorstellen dat niet iedereen gebruik maakt van zijn eigen naam. Het blijft tenslotte werk en dit doe je goed ongeacht je naam. Ook zal het een gebruiker niet uitmaken door wie hij/zij geholpen worden als hij/zij maar een antwoord op de vraag krijgt.

Met Boeninger’s conclusies kan ik ook niet anders dan het eens zijn.

By learning the name of the librarian, the patron might want to contact that same person again. This is wonderful and encouraged, but it should be clear that the patron is not guaranteed to talk to the same librarian the next time she IM?s a librarian via the departmental account.

Dit komt zeker voor in vakantieperiodes of bij afwezigheid van de bewuste bibliotheekmedewerker. Je kunt zelf zo ver gaan door te concluderen dat misschien de ene collega veel meer vragen krijgt dan een andere omdat de ene wel zijn/haar naam geeft en een ander niet. Dit kan leiden tot scheve verhoudingen als je statistieken bijhoudt per persoon.

Patrons generally don’t give their real name when talking to a departmental account.

Dus waarom moet de bibliotheekmedewerker zichzelf wel bekend maken als de gebruiker dit ook niet doet. Een algemene naam zou daarom voldoende moeten zijn.

Is knowing the name important enough for the type of questions you receive?

Nee dus! Of tenminste het zou niet zo moeten zijn.

Als het toevoegen van een naam in een e-mail of chatbericht door het beleid verplicht is gesteld dan zou het logisch zijn om ook naambordjes te dragen achter de informatiebalie zodat de gebruiker weet hoe iemand heet. Aangezien dit vaak niet het geval is lijkt het me ook niet zinvol om met de eigen naam een e-mail of chat te beantwoorden. Daarnaast is een zekere afstand tussen de bibliotheekmedewerker en gebruiker geen slechte zaak.

Msn in de bieb

Op de weblog Walking Paperstaat de volgende tekst: A colleague sent me a sad email regarding Instant Messaging at her library. Evidently she was experimenting with it, hoping to increase communication within her library. The IT department found the IM software on her computer and took it off. The gall!

Steeds vaker hoor of lees je dat automatiseringsafdelingen het niet op prijs stellen dat de medewerkers gebruik maken van msn/icq en andere chat- programma’s. Waarschijnlijk omdat zij bang zijn voor ellende en kapotte computer (soms ook wel waar natuurlijk). Wat deze automatiseringsafdelingen niet beseffen is dat chat er gewoon bij hoort. Mijn generatie (en ook de generaties na mij) is opgegroeid met chat en ziet het als een snelle manier van communiceren, allemaal vrij onschuldig. Ook ik gebruik op het werk msn, gewoon omdat het handig is en ik vaak geen zin heb om te lopen. En ook bij ons wordt het binnenkort verboden om msn e.d. te gebruiken. En dan… bij de pakken neerzitten… echt niet… msn heeft een online versie, hoef je niets te installeren en kun je toch gewoon chatten. Bij de Universiteit van Amsterdam is chat een manier geworden om te communiceren met gebruikers. Dit soort initiatieven juich ik alleen maar toe, er is toch niets handiger dan thuis met een probleem zitten dat iemand anders voor je op kan lossen zonder dat je daarvoor naar de bibliotheek hoeft. Ik hoop dat veel bibliotheken in Nederland dit initiatief overnemen en dat binnen niet al te lange tijd chat gewoon een onderdeel is van de reguliere dienstverlening van bibliotheken.

Meer info: UvA